Bij het horen van de ijskar, stond hij plots bij het raam. Voeten van de grond. Ik heb maar heel even weggekeken en hij hing al uit het raam. Dat is om doodsangsten uit te staan. Ik heb even gebruld en hem beet gesnokt. Want op een eerste verdieping is dat levensgevaarlijk. Hij keek verschrikt en sprak de volgende woorden:

“Jij wordt echt alleen maar boos als ik iets doe wat echt niet mag he? Anders ben jij altijd heel lief.”

 (Man wat een gigantisch compliment vond ik dat – ik was meteen weggesmolten) 

In een speeltuin, tegen een vreemd kindje

Mano: “Kom jij op tv?”

Het vreemde kindje: “Euh nee” 

Mano: “Ikke wel”

En hij draaide zich om en ging verder spelen. Wij zaten wat verderop aan een tafeltje. Compleet verbouwereerd.

 Toen we naar huis gingen op het doopfeest van Mathis. En ik zei dat hij zijn jas moest nemen.

 “Ik kan nog niet vertrekken. Ik moet de eerst de dames nog een kusje gaan geven.”

De dames zijn in dit geval twee blonde stoten van 6 en 8 jaar. Hij ging met gezwinde tred naar buiten en bood ‘de dames’ zijn wang aan. Manneke, die gaat nog harten breken. Zeg dat ik het gezegd heb.