Er waren tijden dat ik letterlijk alles met de fiets deed. Ik had toen namelijk ook geen rijbewijs, het was op dat moment zelfs nog niet legaal om dat te hebben. Ik deed toen toch vlot 100 km per week (constant op en af naar het conservatorium van Mechelen vooral). Toen ik koning auto ontdekte, werd het al een pak minder. Toen ik ver van familie en werk ging wonen, nog veel minder. Behalve binnen de stad Gent, daar doe ik alles met de fiets. Maar binnen Gent is gewoon nooit iets echt ver, dus dat telt niet.
Nu we deeltijds in Ekeren wonen – op ongeveer 15 km van Nostalgie – en er enige tijd geleden een fiets geleverd is (danku moeke), was het tijd voor sportiviteit. Het is trouwens de fiets die ik gekregen heb voor mijn plechtige communie, dat ding leeft nog altijd ja. (We zeggen er niet bij dat hij een tijdje geleden geen stuur meer had en ook voor de rest serieus wat mankementen vertoonde. Want die mankementen heeft *de Stanne opgelost)
Ik ben dus vanmorgen vol goeie moed vertrokken voor een fietstochtje. Het was meteen duidelijk dat er nog paar dingen ontbreken in mijn ideale fietsuitrusting. Een handtas die ge over uw schouder moet hangen is namelijk niet handig. Niet. Tegen morgen zoeken we een rugzak (ja, we gaan er inderdaad van uit dat er een morgen komt)
Het ijzeren staafje aan het zadel moet uit de weg (het kietelt de binnenkant van mijn dij op een niet aangename manier), het stuur moet hoger gezet worden en ik heb een gebruiksvriendelijker slot nodig. Geen slot waar ik tien minuten aan moet leuteren om het open en dicht te krijgen.
De route is redelijk zwaar. Er is sprake van twee beklimmingen en een tunnel. Over het station van Ekeren rijden vraagt een stevige demarrage. De col over het Albertkanaal is iets gestager, maar kruipt toch ook wel in je benen. De tunnel is die van de Antwerpse voetgangerstunnel, gekenmerkt door twee gigantische roltrappen. Er is nog werk aan mijn techniek daar, want voorlopig sta ik daar maar een beetje te klungelen met die fiets op de roltrap. Dalen lukt nog redelijk, maar de roltrap naar boven kan ik gewoon niet elegant nemen. Vermoedelijk ligt het aan mij, want al die andere mensen lijken dat wel vlot te kunnen. Het kost ook behoorlijk wat tijd (negen minuten om precies te zijn), maar laat ons eerlijk zijn, de Schelde overzwemmen mét fiets is geen beter alternatief.
En hoe voelt dat nu, zo met de fiets gaan werken? Awel, ik ben redelijk tevreden met mijn prestatie. In een scherpe tijd van drie kwartier tot een uur was de klus geklaard. En reken daar veel tijdverlies bij aan de 326 stoplichten en de roltrap (+ tien minuten om dat kutslot op en toe te krijgen). Anders was ik vast nog sneller, veel sneller.
Het is trouwens ongelooflijk bevrijdend om actief buiten te zijn, voor je werkdag begint. Het maakt je hoofd leeg, het geeft je energie en goed gevoel over jezelf. Ik was de hele tijd aan het denken: “eej maat, ik ga wel met de vélo naar mijn werk e.” Kei fier over mezelf en zo. “Goed bezig Verschueren, supersportief en al.”
Dus ja, we gaan dat nog doen.
En ja schat, laat die massage nu maar komen. I am ready.
* De Stanne is de lokale, gepensioneerde fietsenmaker in het ouderlijke dorp. Hij lijkt weggelopen uit That 70 show. Heerlijk.
rechtzetting sofie….de stanne is een gepensioneerde groentenboer die nu fietsen repareert….
Heel sterk Sofie! 15 km is idd nog goed te doen, ik zou dat ook doen. Ook aanschaffen: een goeie regenjas/cape/broek. En een warme muts en sjaal wil ik wel voor je haken! 🙂
Haken zelfs! Dat zou ik echt supercool vinden!