Woendag gaat de zoon naar het eerste leerjaar. Je voelt aan de kleinste dingen dat hij geen kleutertje meer is, maar echt een grote jongen wordt. En hij merkt het zelf ook.
Dat gebeurde onder andere toen een ietwat oudere man in zijn kaken kneep.
Kantlijn over het knijpen van kinderen in de kaken: We hebben er allemaal een trauma aan overgehouden, aan dat geknijp in de kaken. Om nog maar te zwijgen van vieze, plakkerige kussen van vieze, oude en vaak wat (vooral in geur) verdofte mensen. Niemand vindt dat leuk. Waarom doen andere mensen dat dan bij andere kinderen? Wie vindt het leuk om in de kaken geknepen te worden? Denk daar eens aan de volgende keer dat je dat doet. En geef misschien gewoon beleefd een handje. Willen we dat afspreken?
Enfin, toen de ietwat oudere man kneep, keek Mano een beetje verontwaardigd en zei “Seg, ik ben geen kleuter meer hoor”. (Op zich een redelijk onbeleefd antwoord, but could you blame him?)
Of toen ik daarstraks zei: “Komaan, pyjama aan en tandjes poetsen, het is tijd om te gaan slapen.” (Het was op dat moment al redelijk voorbij bedtijd, dus geen ge-maar mogelijk). Toen kwam opnieuw dat antwoord: “Seg, ik ben geen kleuter meer hoor”.
– “Oh lieverd, maar ook in het eerste leerjaar gaan wij nog kiezen wanneer jij moet gaan slapen hoor. Trouwens, het is nu echt al heel erg laat, het is echt heel dringend tijd om te gaan slapen.”
Teleurgestelde, boze, bedenkelijke blik van de zoon, om er dan toch maar in toe te stemmen met de vraag: “Waar is mijn dodo?”
– “Dodo’s*, dat is echt iets voor kleuters en jij bent toch geen kleuter meer?”
(Daar had hij niet van terug. De ‘toch-nog-wel-een-beetje’-blik die daarop volgde, was geld waard.)
Je bent geen kleuter meer lieve schat. Je wordt groot, dat voelen we aan alles. Maar soms ben je ook gewoon nog echt een klein, schattig, superlief ventje van zes. Gelukkig maar.
* Zijn dodo is een soort van dekentje waar hij altijd mee slaapt