Een verjaardag is feest.

Een verjaardag is feest. 

Het is de dag waarop je als moeder automatisch terugdenkt aan hoe het ging, dat ter wereld komen. Het is de dag die je echte aankomst in de tijd markeert. 
Het is de dag die vanaf dan elk jaar opnieuw een ijkpunt is, een bolletje op je eigen telraam. Want je gaat je eigen weg. Zonder verjaardag zou je misschien vergeten hoe snel en lang en kort die wel is. 


Een verjaardag is feest. 


Het is de dag die het bij jou niet had moeten zijn. Het is de dag in de maand die het niet had mogen zijn. Er moest nog een heel seizoen passeren voor jouw landing in de wereld. 
Het is de dag waarop ik alle grond onder mijn voeten verloor en tegelijkertijd een vat oerkracht opentrok. 


Een verjaardag is feest. 


Het is de dag waarop het geen feest was. Het was gitzwart. Ik wilde je nog heel lang in mijn buik houden, want eruit overheerste de angst om je voor altijd kwijt te raken. Ik wilde je vasthouden om je niet te verliezen. 
Het is de dag waaraan ik niet wil denken. Het was donker. Ik durfde niet van jouw fragiele lijfje te houden, maar toch was ik mijn hart al lang aan jou verloren. Je kneep in mijn hand en claimde daarmee definitief het dochtermoederschap dat veel te kort in mijn schoot was gegroeid. 


Een verjaardag is feest. 


Ook als het de dag is die gestoeld is op een diep trauma. Want het is de dag waarop jij in ons leven kwam. 
Ook al is het dag die het startschot was van een lange gescheiden lijdensweg. Want het is de dag waarop ellenlange knuffelsessies ons hoogtepunt werden. 


Een verjaardag is feest. 


Want het is de dag van jou. Van die pientere, guitige, straffe, krachtige, sterke, fantastische, ongelooflijke dochter van ons. 
Want het is een dag met cadeautjes. Niet met een strikje rond, maar met kleine druppels in mijn ooghoek omdat jij van zo ver komt en hier nu al staat. 


Vandaag is het feest. Want het is jouw dag. Want jij bent een cadeau. 
Want jij is jij. Want jij is de meest wijze dochter die een moeder zich kan inbeelden. Want jij is Rosalie. 


Gelukkige verjaardag liefje. Zoveel feest. 
Nog meer liefde.

Posted in (extreem) prematuur, Dotje, Liefde | 11 Comments

En toen ging ze naar de opvang, alsof ze nooit iets anders gedaan had.

Het is een moment dat ik bij al mijn kinderen zo lang mogelijk wilde uitstellen. Het liefst gewoon tot ik er zelf helemaal klaar voor was, al weet ik tegelijk niet zeker of dat moment dan ooit wel gekomen was. Bij Rosalie was het niet anders. En toch ook wel.  Ik zal altijd ergens het gevoel hebben dat ik die drie maanden ziekenhuis moet goedmaken, maar ik moet me er bij neerleggen dat ik die tijd nooit echt kan inhalen. Liefde is loslaten, op een bepaald moment moet dat ook met een extreem prematuur geboren kindje.

Foto Doula & Fotograaf Cynthia

Bij Basiel en Felix voelde de stap naar de werkvloer onmenselijk vroeg, dus ik was ik dolblij met de drie maanden extra (onbetaald) borstvoedingsverlof bij Rosalie. De lockdown breide daar nog een soort vervolg aan. Thuiswerken combineren met een baby is from hell and back, maar het voordeel was wel dat ze lekker dicht bij mij was. Door die lange tijd, voelde het wel iets makkelijker. Nog altijd te vroeg, maar niet meer elke dag huilen te vroeg.

Als je Rosalie ziet, zou je bijna vergeten hoe fragiel ze is. Maar ze is wel echt fragieler dan een voldragen kind. Iedereen moet een extern immuunsysteem opbouwen, wat automatisch gebeurt als je wordt overgeleverd aan de virusgalore van crèche of kleuterschool. Maar bij Rosalie is het toch nog anders, want zij mist een intern immuunsysteem. Dat is iets wat wordt opgebouwd in het derde trimester van de zwangerschap. Je weet wel, dat trimester dat zij in de couveuse heeft doorgebracht in plaats van in mijn buik. Dus ja, toch een pak fragieler. Geboren worden met onrijpe longen en weken zuurstof moeten krijgen, is een extra risicofactor. Doorgaans wordt aan premature ouders ook aangeraden om de stap naar kinderopvang zo lang mogelijk uit te stellen, precies om die reden. Rosalie is gestart een paar weken voor haar echte verjaardag.

We hadden onze voorzorgen genomen, want het is toch echt weer een grote stap. Normaal gezien neemt Tom een maand ouderschapsverlof in de grote vakantie, nu hebben we dat gespreid van half augustus tot half september. Op die manier kon ik mij concentreren op de heropstart op Howest, en Tom om op de start van Rosalie in de opvang.

Ik ben blij dat het op die manier rustig voor Roosje kan, maar toch ook een kleine steek in mijn hart dat ik het wentraject deze keer zelf niet kon doen. Ook heel opgelucht dat we opnieuw een plaatsje kregen in onze vertrouwde opvang, waar ook Felix heel gelukkig was. Vlak naast de school van de jongens trouwens, wat ook behoorlijk praktisch is in de ochtend- en avondrush. Dankzij het ouderschapsverlof van Tom blijft die gelukkig nog even uit. Het is ongelooflijk hoe relaxed het leven met kinderen is ALS er een ouder niet op het werk wordt verwacht, ALS een ouder altijd thuis kan zijn. Niet haalbaar helaas, maar wel stof tot nadenken.

Op maandag 17 augustus stapte Tom met mondmasker en gretige baby de opvang binnen. Het plan was om een uurtje te blijven, papa en dochter. Dat verliep heel vlot, dus de volgende dag mocht ze daar al heel even alleen blijven. Zo hebben we sindsdien uurtje per uurtje opgebouwd.

Maar eigenlijk was ze meteen vertrokken.

We waren allebei nogal in shock toen bleek dat ze daar de tweede dag zelfs al een dutje had gedaan. Het flesje afgekolfde melk was geen gigantisch succes, maar sinds ze het geven in een beker gaat het vlotter binnen. Ook de gemixte papjes vond ze maar niks, dus ze krijgt ook daar stukjes waar het kan. Het zakje reservekleren dat ik had meegegeven heeft daardoor al goed dienst gedaan. Een baby zelf laten eten is zalig, maar meestal wel een smeerboel. Bedankt uitvinder van de wasmachine!

Ondertussen zitten we al aan week drie. Ze is blij als we haar afzetten en ze is blij als we haar komen halen. Dus misschien was die kleine meid er wel meer klaar voor dan haar moeder.

Het is allemaal zo dubbel, want vorig jaar deze tijd waren de laatste zorgeloze dagen. Daarna stapten we op een vroeggeboortetrein, met een onbekend eindstation. We weten nog lang niet alles, maar voorlopig doet ze het zo verschrikkelijk goed. Uiteraard heeft ze wat snottebellen opgeraapt in de kinderopvang, maar daar blijft het voorlopig bij. We wachten met een heel bang hartje het winterseizoen af, maar weten ook dat ze dat sterker ingaat dan een jaar geleden.

Onze topdochter zit in de groep bij de Leeuwkes. Ideaal, want Rosalie is wel echt een leeuwin.

Posted in (extreem) prematuur, Dotje | 3 Comments

Maandbrief van (gecorrigeerd) een maand of 7, die maand waarin ze leerde kruipen.

Het eerste gesprek over haar kansen was in de verloskamer. Na een helse rit van Jan Palfijn naar UZ Gent, braken mijn vliezen bij aankomst. Ik was op dat moment 25 weken en 2 dagen zwanger. Ik lag daar helemaal kapot en angstig, Tom zat naast mij in mijn hand te knijpen. 


We vroegen de eerlijke waarheid en kregen die ook. De verwachting was dat ik die dag in arbeid zou gaan en dat Rosalie geboren zou worden. We moesten bijna meteen beslissen of we haar medische zorgen zouden toedienen, of laten sterven in onze armen. 


De eerlijke waarheid was dat kindjes van die zwangerschapstermijn zelden ongeschonden uit de rit komen. Als ze de eerste weken al zou overleven (dat was al heel 50/50), zou er daarna nog een lange rit volgen met heel wat uitdagingen. Meer dan waarschijnlijk zwaar gehandicapt, sowieso een zorgenkind. 


Het brak ons in duizend stukken, maar dat wilden we ons gezin niet aandoen. We deden dus het onmogelijke, ons voorbereiden op afscheid. We brachten de nacht in een verloskamer door. Ik op een verlosbed, Tom in een opklapbedje. Allebei zonder slaap. 
De volgende dag nieuwe gesprekken. Want ik was nog steeds niet in arbeid geschoten. Dezelfde arts stond opnieuw aan het voeteinde van mijn ziekenhuisbed. Meisjes zijn sterker. Als je 26 weken haalt, dienen we sowieso zorgen toe (dat is de wet), de meeste kindjes komen er niet ongeschonden uit. Maar er zijn een paar mirakels, ja. Met minimale schade. Komt bijna nooit voor, maar het bestaat.


Ik bespaar je even de ingewikkelde uitleg, en hoe we toch beslisten om daarna voor actief beleid te gaan. Ik neem je gewoon even mee naar vandaag. 


We zijn er nog niet, maar ik durf je wel al een wonderkind te noemen. 
Toen we vorige week aan zee waren, passeerde je de zeven maanden datum. Gecorrigeerd (en naar ontwikkeling) ben je zeven maanden. Die drie andere maanden in het ziekenhuis hadden echt buikmaanden moeten zijn. Maar toen we dus vorige week aan zee waren, begon je het appartement rond te kruipen. 


Ik kan het zelf amper geloven, ook al zie ik je continu op handen en knieën het huis verkennen. Je bent daar zelfs vroeger mee dan je voldragen broers, hoe geschift is dat? 
Ontwikkelingsachterstand, dat ging het zeker zijn. Eventueel in te halen tegen je derde verjaardag of zo, maar allemaal wat trager. Maar dan is daar Rosalie. Jij gaat als een speer. Motorisch ben je ongelooflijk snel. Je kruipt! Je begint op dingen te klimmen. Je maakt aanstalten om jezelf op te trekken! Zotte meid! 


Mentaal is het natuurlijk nog een groter vraagteken en kunnen er nog altijd dingen aan het licht komen. Je hersenen waren ook nog niet volgroeid toen je veel te vroeg ter wereld kwam. Maar voor een baby van 7 maanden, doe je te gekke dingen. Brabbelen, lachen, gieren, actie-reactie, je begint je armen uit te steken als je gepakt wil worden en ga zo maar door. Je drinkt aan de borst en eet alles wat we je voorschotelen met smaak en de juiste techniek op. Een heel normale baby, zo lijkt het wel. 

Je zou haast vergeten dat het echt een wonder is. Soms voelt het zelfs alsof jij andere prematuren oneer aandoet, aan alle ouders van prematuren die kei hard moeten vechten voor elke stap. Ook na de intense periode op neonatologie. Want dit is echt niet vanzelfsprekend. Dit is buiten verwachting. En een hart onder de riem van iedereen bij wie het anders loopt.


Ik zal dat eerste gesprek in de verloskamer nooit meer vergeten. Meer dan drie maanden voor je geboorte gepland was. En hoe ik daarna met mijn handen op mijn buik en mijn gedachten, jou probeerde te vragen om te blijven. Om ons mirakel te worden. Terwijl ik ondertussen met mijn tranen het hele droogteprobleem kon oplossen. 
Zoveel gehuild. Zoveel angst. Zoveel emoties. 


Je bent nog beter dan het best case scenario. Want je bent zo verschrikkelijk schattig, guitig, lief, nieuwsgierig, vrolijk, avontuurlijk (geen angst van gras of zand zoals je grote broers), innemend en straf. 


Vooral straf. Mijn god, wat ben jij een straffe madam! Ik heb er nauwelijks woorden voor. 


Dankjewel liefje. Toen mijn handen op jouw kapotte huisje lagen en de tranen stroomden, heb je goed geluisterd. Dat houden we dan nog vol tot je alleen gaat wonen he? 


Kus, 
Je mama. 

Posted in (extreem) prematuur, Dotje, Liefde | 10 Comments

Jaarbrief 8 – Basiel

Lieve Basiel, 

Je achtste verjaardag zag er anders uit dan gepland. Geen feestje waarbij ons huis te klein was voor alle familieleden en ook geen feestje met een hoop uitgekozen vriendjes. Op je verjaardag (24 juni al, sorry voor de vertraging van deze brief) mocht je zelfs niet naar school. 

Ik hoop dat je het toch een fijne dag vond. Jij mocht ongeveer alles kiezen. Je bestelde twee vriendjes om te komen spelen, ontbijt met hotelcake, ’s middags spaghetti en ’s avonds frietjes van de frituur. Als het een officiële optie was, zou je elke dag frietjes eten. Misschien kan je dat in je studententijd eens proberen, maar voorlopig blijf ik je koppig ook wat gezonde voeding voorschotelen. 

Ongelooflijk dat je al 8 jaar bent. Soms zie ik al een flits van de tiener die hier binnenkort zal rondlopen. Af en toe wordt er al eens met pre puberale ogen gerold, maar meestal vallen wij nog in de categorie ‘onvoorwaardelijke helden’. Soms weet je met die gevoelens amper blijf en kom je daarom wat onhandig op ons hangen. Soms spring je op ons. Soms wring je je ertussen. Dat is geweldig lief, maar die 27kg begint van tijd wel een beetje door te wegen. Waar is de tijd dat je 3,8kg woog en gewoon uren rustig op mij bleef liggen.

In het begin vond je de lockdown geweldig. Altijd in je favoriete bubbel vertoeven, constant gezelschapsspelletjes spelen en veel extra gezinstijd, dat was spek naar jouw bek. Maar gaandeweg werd het minder, tot er zelfs traantjes aan te pas kwamen als je oefeningen moest maken voor school. Op het einde werd het gebrek aan peer contact echt te zwaar. De schamele zes dagen school waren echt veel te weinig, maar wel de redding. 

De juf van zedenleer noemde jou een klompje goud. Dat is ook zo, je bent echt een geweldige kerel. Het doet me zoveel pijn om te zien dat je soms zo moeilijk kan zeggen wat er in je omgaat. Je worstelt af en toe met kleine en grote dingen, en blokkeert dan volledig. We hebben de juiste oplossing of ontlading nog altijd niet gevonden, maar blijven ondertussen geduldig nabijheid bieden. Naast je zitten. Of net afstand geven. Wat je op dat moment nodig hebt, ook al kan je het vaak niet benoemen.

Gelukkig is het meestal gewoon een comedyshow met jou. Op de laatste schooldag moest je voor alle klasgenoten een post-it maken. Op de 25 briefjes voor jou was er een constante: “je bent zo grappig Basiel” Dat merken we thuis natuurlijk ook. We zitten echt met een complementair komisch duo. Felix moet het hebben van zijn mimiek en knotsgekke uitspraken, jij bent meer van de droge humor. Stiller en rustiger, maar serieus raak als je iets zegt.

Je bent een broer uit de duizend. Al die coronamaanden waren jullie tot elkaar veroordeeld. Ik had het volledig begrepen als jullie elkaar op een bepaald achter het behang hadden willen plakken, maar de liefde bleef groot. Heel af en toe valt er wel eens een hard woord of is er even een uithaal, maar meestal loopt het gewoon goed. En dan heb ik het nog niet over hoe fantastisch je bent voor Rosalie. Zelfs een blinde kan de liefde tussen jullie twee zien stromen.

De superlatieven voor jou vloeien even rijkelijk als die liefde, want je bent ook een leeswonder. Je hebt het hoogste leesniveau behaald op school (avi plus) terwijl je nog maar in het tweede leerjaar zat én net maanden geen schoolbank had gezien. Sindsdien is er sprake van een lichte maar heel schattige Jommekesverslaving. Mijn gsm wordt al eens onderschept om whatsappjes te sturen naar familieleden én je leest ook vlot ondertitels mee op tv. Als we iets willen zeggen zonder dat kinderoren het kunnen verstaan, moeten we ook al opletten met Engels, want je pikt daar net iets te veel van mee naar mijn goesting.

Verder is er nog niets veranderd. Je lust nog steeds geen chocolade of pannenkoeken, je kan nog altijd perfect overleven op melk en rijstkoeken en je schakelt nog altijd je broer in om te vragen of jullie op de iPad of een snoepje mogen.

Wat ik vooral zo fantastisch vind aan jou, is hoe je mensen in je hart kan sluiten. Je komt soms een beetje traag op gang, maar eens je iemand binnenlaat is het echt met volle overgave.

Met volle overgave wens ik je ook een gelukkige verjaardag.

Dikke kus van je mama (diegene die zich altijd pijn doet uit lompigheid en waar jij dan zo hard mee moet lachen)

Posted in Basiel, Liefde | 4 Comments

Terug mezelf dankzij Fitbycharro. Een review.

Ik weet nog altijd niet wat er gebeurd is. Na de geboorte van Rosalie was ik bijna meteen weer op gewicht en dat bleef zo de hele ziekenhuisperiode lang. Op 6 december kwam ze (na drie maanden) naar huis en woog ik 76kg, ongeveer een kilo minder dan mijn “normale” gewicht. Op 24 december ging ik op de weegschaal staan en botste op dik 82kg . Op drie weken tijd was er meer dan 6kg bijgekomen.

Ik probeerde die kilo’s er af te krijgen met eerdere succesrecepten (intermittant fasten, 5:2, lopen en zo gezond mogelijk eten), maar er gebeurde niets. Helemaal niets. De weegschaal bleef staan op exact hetzelfde getal dat ik bereikt had toen ik op 26 weken plots beviel. Foute symboliek van mijn lijf.

De verklaring die ik het meeste hoorde was dat mijn lichaam na een lange periode van intense stress eindelijk weer in een ‘rustige’ toestand kwam (want Rosalie was thuis) en daardoor vanalles ging vasthouden. Kan zijn, maar ik ging er aan kapot. Wat het ook was, ik kon het niet verdragen. Het ging echt bergaf met mij. Ik voelde me niet meer thuis in mijn lichaam en na alle miserie kon ik dat er echt niet meer bijnemen. Ik wilde mijn lijf terug. Het lijf dat mij in de steek gelaten had tijdens de zwangerschap van Rosalie, liet me nu opnieuw in de steek. Elke extra kilo voelde echt als lood in mijn hoofd.

Enter Fitbycharro. Want uiteraard had ik via mijn stories op instagram (mijn persoonlijke psycholoog 😉) al uitvoerig geklaagd over mijn ontkoppelde lichaam. Ik kreeg Charro geregeld als tip en besloot ervoor te gaan. In volle lockdown (midden april) startte ik het programma van 12 weken. En omdat ik altijd eerlijk ben: aan halve prijs. Want ik ging er sowieso over vertellen en er zijn wel wat volgers op mijn favoriete platform (nog altijd niet genoeg om te kunnen swipen wel, haha)

Als je aan het programma begint, moet je eerst een gigantische boterham aan informatie verwerken. Er zijn filmpjes en teksten, er zijn regels en recepten, er is vanalles. Nog een portie eerlijkheid: de moed zakte me onmiddellijk in mijn schoenen. Ik heb de eerste 3 dagen een paar keer serieus geweend, ik had honger en ik dacht dat ik het helemaal niet kon. Sorry liefje voor mijn humeur die eerste dagen.

Maar toen veranderde er iets. Mijn lichaam paste zich aan, ik was ineens wel altijd verzadigd en het ging wonderwel (bijna) vanzelf. Het kostte me helemaal geen moeite om alle lekkers aan mij voorbij te laten gaan. Ook de bijhorende oefeningen gingen heel vlot. Die zijn belangrijk om ‘mooi’ af te vallen. Ik ben wel geen leek op workoutvlak. In de besloten facebookgroep van Charro hoor ik wel eens mensen die twee dagen niet meer van de trap kunnen, maar daar heb ik nooit last van gehad. De beste motivatie kwam na een week, toen de weegschaal al een kilo gezakt was.

Maar is het niet heel veel werk, krijg ik vaak als vraag. Het antwoord is simpel: niets gaat vanzelf. Uiteraard moet je er iets voor doen. De persoon die een dieet/gezondheidskuur uitvindt die geen enkele moeite kost, is binnen de kortste keren schatrijk. Zo werkt het helaas niet, point final.

Maar de lockdown was de ideale periode. Want als je de hele dag thuis bent, is het ook niet zo moeilijk om te koken. Dus ja, het kost wat moeite en voorbereiding. Maar met een goede boodschappenlijst kom je al heel ver. Ik heb bijna elke dag twee potjes gekookt, maar wel simultaan. Dus behalve wat extra afwas, viel dat wel mee. De lunch was soms wat meer werk voor mij dan een boterham smeren, maar uiteindelijk is dat ook vlot gelukt. En nog.

In het programma vind je een heleboel recepten, maar die heb ik eigenlijk niet echt gebruikt. Ik heb altijd mijn eigen ding gedaan binnen de vastgelegde regels. Mijn beste vriend daarbij: Albert Heijn. Daar vind je zo-veel dingen die je het fitbycharro-leven een stuk gemakkelijker maken: bloemkoolrijst, pompoenlasagnevellen, broccolirijst and so on. Echt een winner.

Uiteraard volgden ook al gauw de verwijten. “Ja maar, je mag geen koolhydraten eten dus uiteraard val je af”, “ja maar, zo kan je toch niet leven”, “ja maar, zo met shakes is ongezond hoor”, “ja maar die voor- en na foto’s zijn toch duidelijk getrukeerd”. Ik kan zo nog wel even doorgaan. De waarheid is, meestal komt dat van mensen die zelf graag gezonder zouden willen leven maar er de moed niet voor vinden. Ik begrijp dat, maar het is niet zo slim om kritiek te geven op wat je niet kent. Ik ben zelf gigantisch allergisch aan ongezonde diëten (zoals die ketoshizzle en consoorten), dus daar doe ik niet aan mee. Shakes zijn dikke zever, gezonde koolhydraten horen thuis in een gezond eetpatroon en alles is helemaal echt. Maar onthoud dat je ook niet je hele leven zo hoeft te leven, want je hoeft ook niet je hele leven af te vallen. Stabiel blijven kan ook met iets lossere teugels.

Ik ben elke morgen trouwens gestart met een kom yoghurt met granola van studio_simoons (hallo koolhydraten!) en heb ook kilo’s groenten en fruit opgesmikkeld die ook bomvol koolhydraten zitten. Het is dus niet koolhydraatvrij, wel koolhydraatarm. Het grootste verschil: ik heb veel puurder leren eten. Amper bewerkt voedsel, heel veel vertrekken van het basisproduct. Zien wat je eet. Weten wat je eet. Elk ingrediënt kunnen benoemen. Behalve dan de twee stukjes chocolade die je elke dag in je kas mag slaan, daar heb ik me verder geen vragen bij gesteld.

Na een moeilijke start ging het eigenlijk (bijna) vanzelf. Het heeft me nog nooit zo weinig moeite gekost om lekkernijen te laten passeren. Het is echt zo dat de drang enorm afneemt als je van de suiker afgekickt bent. De weegschaal wilde niet altijd mee, maar laat zich ook niet regisseren. Je lichaam maakt soms rare sprongen, maar uiteindelijk telt alleen het resultaat. En dat is vrij duidelijk.

Dat eindresultaat is wat mij betreft geweldig. Ik heb het programma helemaal aangepast aan mijn leven. Ik heb er een beetje mijn eigen draai aan gegeven, zonder de regels te overtreden. Ik heb geprobeerd om zo vaak mogelijk de workout te doen, maar ik was ook niet kwaad op mezelf als het eens niet lukte. Dat is geen reden om alles overboord te gooien. Integendeel.  Ik heb serieus wat ballen in de lucht te houden, dus ik mag al enorm fier zijn op mezelf dat dit gelukt is. Met onderbroken nachten, met borstvoeding, met 3 kinderen coronagewijs 24/7 en al-tijd onder mijn hoede, met de combinatie met thuiswerk, met huishouden, met de mentale rugzak. I dit it. Er zijn er die veel meer afvallen, maar so be it. Ik ben waar ik wilde zijn.

Dat is misschien wel de grootste verwezelijking. Ik heb de afgelopen 10 jaar altijd ongeveer 77kg gewogen en ik vond dat altijd veel te veel. BMI is achterhaald (want neemt geen spiermassa mee), maar het blijft officieel wel met overgewicht voor mijn 1m70. Ik was er nooit content mee. Ik ben blij dat ik nu kan zeggen dat het ok is. Voor de allereerste keer in mijn leven heb ik vrede met mijn lijf. Op mijn 36 en na drie kinderen mag het echt gezien worden.

In 12 weken ben ik 6,7 kg afgevallen en heb ik samengeteld 26 centimeter verloren op mijn taillen, heupen, billen en armen. Hoe dat eruitziet kan je zelf aanschouwen op de (niet getrukeerde, haha) voor- en na foto’s.

Ik ben dankbaar. Ik ben gelukkig. Ik kreeg al honderd keer de opmerking dat ik dat ook echt uitstraal, maar het is zo. Ik was mijn lijf kwijt, ik voelde me verschrikkelijk en ik heb het nu weer terug. Op een heel gezonde manier, met een stevige maar zeer draaglijke inspanning.

Ben ik dan alleen maar positief? Nee, eerlijk is eerlijk. Ik geloof niet echt in de thee die je moet drinken (heb ik ook niet gedaan, was me wel door Charro zelf afgeraden door de borstvoeding) en ik vind het redelijk duur. Ook al is een diëtiste ook niet gratis, het kost wel echt veel om alleen maar online begeleiding te krijgen. Daar wringt voor mij het grootste schoentje: je krijgt niet echt persoonlijke begeleiding. Tegelijk is de prijs ook de beste motivatie. De eerste dagen durfde ik niet op te geven, omdat ik zoveel geld betaald had. Dat bleef toch wel een goeie incentive om er echt voor te gaan.

Je krijgt een hoop informatie en je moet een wekelijkse tracking sheet invullen, maar er is geen persoonlijk contact. Veel mensen verwachten voor 297 euro dat je op zijn minst een keer een intake videocall hebt met Charro, maar dat zit er niet in. Als er problemen zijn kan je haar wel altijd contacteren, en helpt ze je zo snel en goed mogelijk verder. Maar weet dat als je er aan begint. Het is een kleine zelfstandige die het enorm druk heeft. Ze houdt je handje niet vast, maar ze is van op een afstand wel. Als je wat aanmoediging nodig hebt of vragen hebt, kan je wel altijd terecht in de besloten facebookgroep.

Alles wat je moet weten, zit wel enorm uitgebreid uitgelegd (met tekst en met video’s) in je pakket, maar je moet het echt zelf doen. Aangezien Hove nogal ver van Gent ligt, koos ik voor het online programma. Oh ja, met Covid-19 was er sowieso geen andere optie. Maar ik kan dus niet spreken voor het programma persoonlijk bij haar, want dat is er ook. Ik heb niet echt iets gemist, maar veel mensen die mij gevolgd zijn wel en ik begrijp die kritiek. Maar ik weet ook dat Charro er aan werkt. Rome is ook niet in één dag gebouwd, weetjewel.

Net als de weg naar mijn eigen lichaam. Dat vraagt geduld. Snel afvallen is natuurlijk leuk, maar ook niet echt de bedoeling. Terugkijkend ben ik gemiddeld een dikke halve kilo per week verloren en dat is prima. Want op 12 weken is dat dus wel bijna 7kg.

De grote uitdaging is natuurlijk om dit vast te houden. In mijn wildste dromen wil ik uiteraard nog wel wat kwijt, maar ik ga vooral proberen om zo te blijven. Bij mijn laatste weegmoment (afgelopen vrijdag) woog ik 75,75kg en het is van de weken na de dood van mijn broer geleden dat ik dat cijfer zag staan. Toen omdat ik van de shock gewoon dagen niet gegeten heb, dus not the good kind. Nu wel.

Ik sta meerdere keren per week op de weegschaal, maar hou vrijdag als mijn vaste weekdag. Als ik stabiel gebleven ben of iets afgevallen, mag het weekend ietsje losser zijn. In de week ga ik proberen de regels vast te houden, zonder te vergeten om te genieten. Ondertussen blijf ik lopen en planken ( dat laatste meestal voor televisie), en zien we wel waar dit eindigt.

Voor mij dus een enorm positief verhaal. Ik kan niet verklaren waarom het nu wel lukte en met mijn vroegere succesrecepten plots niet meer. Maakt ook niet meer uit, ik ben weer mezelf. En daarom zeg ik: dankuwel Charro.

En nog meer eerlijkheid: omdat ik zoveel klanten naar Charro gestuurd heb, heeft ze mijn entreegeld helemaal terugbetaald op de allerlaatste dag. Omdat ik volgehouden heb. Ik zeg het maar, omdat ik echt graag eerlijk ben. Maar aan iedereen die ik aangezet heb om mee te doen: wow, super! Ik hoop dat jullie even gelukkig eindigen als ik. Heel veel succes!

Tegen mezelf zeg ik: goed gedaan Sofie. Echt een dikke proficiat dat je dit hebt gedaan in moeilijke omstandigheden. Ik probeer weer van mijn lijf te houden, ook met een BMI van 26. Dat is me nog nooit gelukt en nu – na jaren – eindelijk wel. Dat is misschien wel de mooiste verwezenlijking.

Naast mijn stevig lekker kontje natuurlijk.

Posted in Bewegen, Borstvoeding, Want zo ben ik | 4 Comments

Een baby van (gecorrigeerd) een halfjaar. Of wat maandbrief 6 had moeten heten.

Een halfjaar. Een semester. Mijn studenten hebben dan ook meestal examens en toevallig kreeg jij vorige week 10/10. Dat was bij de bobathkinesist, die gelijk besliste dat het niet meer nodig was om te komen. Want je bent gecorrigeerd dan wel zes maanden, je staat motorisch al een klein beetje verder. Een dikke maand zelfs.

Dat lijkt misschien banaal en ieder kindje op zijn eigen tempo, helemaal mee akkoord. Maar als ik ook maar één seconde nadenk waar jij begonnen bent, dan is dat echt fenomenaal. Toen we 82 dagen naast jouw bedje in het ziekenhuis zaten, had niemand durven te hopen dat jij een paar maanden later helemaal op (gecorrigeerd) schema zou zitten. We rekenden op een achterstand, we rekenden op veel extra therapie, we rekenden op vanalles waar we geen weet van hadden. We hoopten op het beste, maar probeerden ons ook voor te bereiden op worst case.

En toen kwam jij. Een natuurtalent.

Een talent aan de borst, waardoor jij nu al 9 maanden groeit op wat mijn lichaam je serveert. Van de sonde naar de borst, zonder tussenstop. Ik moet het daar nog eens uitgebreid over hebben, maar dat is dus eigenlijk echt ongelooflijk zot. Zodra jij stevig vertrokken was, heeft mijn vastberadenheid het overgenomen. Dus we zijn vlotjes aan de gewenste hoeveelheid exclusieve borstvoeding geraakt.

Ik volg niet zo graag de regeltjes, ik kijk liever naar mijn kind. De laatste weken begon jij steeds meer tekenen te vertonen dat je klaar bent om nog iets meer te verkennen dan moeders melkfabriek. Dus krijg je nu af en toe een gestoomd stukje groente in je mega schattige handjes geduwd. Dat gaat vlotjes binnen, want had ik het al gezegd dat je een natuurtalent bent?

Dat geldt ook voor je mobiliteit. Het begon anderhalve maand geleden met een bijna accidentele rol van rug naar buik. Twee dagen later was je niet meer te stoppen. Je lag geen halve seconde meer op je rug, want hupsakee je was alweer gedraaid. Nog een paar weken later volgde ook de rol van buik naar rug (eigenlijk de gemakkelijkere versie, maar jij besloot om eerst voor het moeilijkste te gaan) en sindsdien rol je overal naartoe. Je geraakt overal, maar nog het liefst bij computerkabels en opladers.

We zijn dus ook niet meer gerust. Want je kan dan nog wel niet kruipen (hallokes, dat hoeft ook helemaal niet op zes maanden), je geraakt wel overal. De combinatie van rollen en pivoteren maakt dat je al de hele ruimte verkent. Wij laten je zoveel mogelijk experimenteren en zoeken, maar naast discipline, dedication and friendschap, trachten we toch ook de safety first niet uit het oog te verliezen. Er mogen dus geen legoblokjes meer blijven rondslingeren vanaf nu, waar mijn blote voeten ook bijzonder dankbaar om zijn.

Je bent meestal vrolijk, wat opmerkelijk is want je vindt dutjes overdag doorgaans maar een saai tijdverdrijf. Je maakt al eens een uitzondering als je in slaapt valt in mijn armen of wij jou een paar kilometer rondrijden met de buggy, maar verder wil je vooral niets missen. George Orwell zou – als hij nog bij leven en welzijn was – kunnen nadenken over een nieuwe bestseller, want het is hier absoluut Little Sister is watching you. (Al zijn de big brothers ook altijd goed bij de zaak)

Zitten gaat ook steeds vlotter. Met steun gaat het heel goed, maar af en toe zit je ook al eens eventjes alleen. Daarna klets je meestal op je gezicht, maar dat neem je er graag bij. Je zit dus bij ons aan tafel. Gestoomd groentje dabei, lekker gezellig. Dat gaat allemaal vlot binnen, waardoor ik soms wel even moet slikken. Hoe snel gaat dat ineens? Hoe kan het dat jij ooit maar 880 gram woog en hier nu vlot aan maatje 74 zit?

We hebben zo lang getwijfeld over je komst. We hebben daarna zo lang gedacht dat het onmogelijk was. We hebben dan zoveel bange uren, dagen, weken en maanden gehoopt dat jij ooit thuis bij ons zou kunnen zijn. Dat jij gelukkig zou worden.

Kijk nu, ik denk dat niemand hier op had durven te hopen. Wat doe jij het goed! Wat een wonder ben jij! We weten natuurlijk nog heel veel dingen niet (en ik weet dat veel mensen denken dat we nu volledig out of the woods zijn met jou, maar dat zullen we pas over een jaar of 10 echt kunnen uitspreken), maar wat jij nu al presteert is fenomenaal. Dat jij (voorlopig) gewoon evolueert zoals een normale baby, dat is een ongelooflijke prestatie. En een schitterend cadeau na onze miserietrein.

Je wordt op handen gedragen door je twee broers, die naar schatting 35 keer per dag zeggen “hoe schattig je wel niet bent”, die scherp in de gaten houden wat je doet en hoe, die je met veel plezier een paar keer per dag plat knuffelen en wel tien keer per uur vragen of “Roosje bij hen mag zitten”.

Alleen blijf jij niet meer zo goed stilzitten de laatste tijd. Jij wil de wereld verkennen en veroveren.

Die verovering van onze harten is alvast binnen, lieve schat.

Dikke kus,

Je mama

Posted in (extreem) prematuur, Borstvoeding, Dotje, Kind en gezin, Liefde | 3 Comments

Gelukkige verjaardag, broer.

Vandaag zou jij 33 worden. Maar je maakte de keuze om voor altijd 31 te zijn. Ik zwijg zo veel mogelijk, dat heb je ook gevraagd. Maar ook voor ons is het nog altijd overleven. De achterblijvers moeten het zien te redden en soms ben ik wel kwaad, dat jij daarover ook nog eisen stelt. Deze tekst schreef ik voor je uitvaart, en kwam ik toevallig weer tegen toen ik een ander document zocht. Corona gooit helaas roet in het eten van de traditie om vuur te maken op je verjaardag, met je maten. Maar er brandt hier sowieso heel vaak een kaarsje. Verdomme toch.

Nen dikke met een broske en een brilletje. Zo zullen veel mensen je misschien nog kennen. Als klein Thomasje. Toen al een figuur, ik zou misschien zelfs durven te zeggen, een legende.

“Ah, ben jij de moeder, nonkel, zus, lief, vriend…van Thomas Verschueren? Ja, natuurlijk, die ken ik” – Ik denk dat we die zin allemaal wel eens gehoord hebben. Je kan je het gezicht dat bij die zin hoorde, ook zo inbeelden. Zoveel mensen kenden jou, van naam en van reputatie. Ik denk dat we dat ook gewoon zien, aan hoeveel mensen hier vandaag samen zijn.

Het was met carnaval, ergens begin jaren ’90. Toen jij – serieus mollig, met een heel lelijk dik brilletje en een kapsel met zeven weerborstels – heel pertinent als ballerina verkleed wilde gaan. Ja echt, als ballerina, daar was geen speld tussen te krijgen. Dus naaide oma een roosblauwe tutu en jij stapte er in, met baskets eronder. Ik kan u zeggen, het was geen gezicht.

Misschien omdat die outfit ooit op de gevoelige plaat is vastgelegd, dat je daarna veranderd bent in een fashion koning. Want op je outfits was meestal niets aan te merken. Maar niet alleen een fashion koning, ook een koning in het organiseren van feestjes en evenementen, in het charmeren van meisjes van 5 tot 95 jaar, in het omgooien van iedereen zijn planning omdat er gevoetbald moest worden. (Meestal zelfs niet in één ploeg, maar in een paar), in het uithangen van de flauwe plezante. Dat is niet eerlijk, niet de flauwe plezante. Daarvoor was je humor veel te gevat.

Je bent de gangmaker. De trekker. Kijk, wat een ‘gang’ je hier op de been brengt. Je bent de maat waarmee je in de bossen van De Ardennen kon verdwalen, maar tegelijk geen moment schrik had, “want den Thomas is erbij”. De bossen van de Ardennen, jouw plek.

Do it with passion, or not at all. Zo ging je door het leven. Vurig en extreem, in alles. Je hield van vuur. Van worsten op de barbecue met maten, van er rond zitten en er blokken opgooien, van vurige liefde, van de haard in gang te houden. Van mensen die met vuur voor hun idealen gingen. Van vuur. Een paar weken geleden op familieweekend zat je nog een hele avond naast de vuurschaal in de tuin. En zoveel mensen gingen er naast zitten, met een luisterend oor.

Wij zagen allemaal dat het vuur in je ogen stilaan uitging. Je hebt zoveel mensen afgeblokt en verwaarloosd, je gleed weg, je zat vast in een tunnelvisie van passie en vuur. Er zijn zoveel helpende handen uitgestoken, maar je wilde ze niet. En wij hadden misschien niet door dat het vuur op zo een laag pitje stond.

Zoneke, Thomaske, Tommy, Jos, Boxer, Schuure, nonkel Thomas.

Je was extreem. Je was extreem in wat je deed, en hoe je het deed. Een fles wijn leegmaken tot een kot in de nacht (of een paar flessen), geen probleem. Maar wel op voorwaarde dat we de volgende dag een kilometer of vijftien gingen lopen. En eigenlijk het liefst ook nog 35 kilometer fietsen. En waarom niet, ook nog een matchke spelen.

Deze match is afgefloten, door jou. Wij kunnen alleen maar proberen om het te begrijpen. FC Thomas Verschueren heeft het op de spits gedreven. Je was altijd een speciale en vaak zelfs – laten we eerlijk zijn – nen ambetante, en dat zal je blijven. Je maakt het ons godverdomme ambetant, man. Je maakt van de rest van ons leven een bootcamp, we gaan nog serieus afzien en zweten.

De slogan van voetbalploeg FC Verschueren heb je zelf meegegeven. En wij zullen proberen om daar zoveel mogelijk naar te leven. Naar te spelen.

“Ga verder, inspireer, respecteer.”

Posted in Liefde | 5 Comments

Hoe Rosalie een Rosalie werd

Ik weet niet zeker of ik mijn maandstonden al had toen ik wel al uitvoerig droomde van kindjes. Ik wilde later een groot gezin én ook zeker een dochter. In mijn tienerjaren wilde ik haar graag Amber noemen, maar dat veranderde naderhand naar Janne. Jarenlang was dat mijn absolute droomnaam. Ik moest en zou een Janne krijgen.

Dat was ook vrij snel beklonken met Tom (in ALLE mogelijke opzichten, insert knipoog), hij vond het ook een mooie naam. Dat was dan geregeld.

Zwanger van Basiel, dus nog rap even op reis naar New York. Hallucinant dat we vertrokken toen ik 27 weken zwanger was, terwijl ik van Rosalie al op 26 weken beviel.

Alleen bleek ik een klein jaar na onze eerste ontmoeting zwanger te zijn van een jongen. Daar stonden we dan met Janne. We moesten op zoek naar een mannelijke variant. Dat had heel wat voeten in de aarde, maar uiteindelijk zijn we geland bij Basiel. Ik vond Janne daarna nog altijd heel erg mooi, maar een totaal andere stijl dan Basiel dus voor mij uitgesloten. Ik vind het persoonlijk heel belangrijk dat namen binnen een gezin echt goed bij elkaar passen (anders knettert het in mijn hoofd), dus begon ik te zoeken naar een Basiel-naam in de vrouwelijke categorie. Enter Rosalie.

Tom heeft eigenlijk nooit suggesties gedaan, hij keurde vooral af waar ik mee kwam aandraven. Ik stuurde hem dus voortdurend lijstjes. Dit lijstje is van 2014, toen ik zwanger was van Felix en er nog een waterkansje was dat hij toch geen piemeltje had maar een vulva. Rosalie stond er toen al op te pronken (trouwens ook de enige naam die in 2019 nog altijd op het lijstje stond). Pittig detail: hij keurde het toen af. NOK staat voor Niet OK, en dus veto. Geen Rosalie dus. Sowieso niet, want Felix was een jongen en dat derde kind waar we het eerder volmondig over eens waren, stond ineens op de helling.

Was het omdat Felix twee jaar lang elke nacht huilde? Was het omdat twee kinderen toch drukker bleken te zijn in combinatie met full time jobs dan dat hij had verwacht? Het resultaat was alvast: geen derde meer. Ik voelde me enorm incompleet, maar gezinsuitbreiding moet je met allebei willen. Anders is het nee.

Ik schreef daar moeilijke blogs over. Over het afsluiten van een incomplete kinderwens en over het nooit hebben van een dochter. Want hoewel de deur niet helemaal dicht was, veel licht viel er niet meer door de spleet.

Maar op mijn 34ste verjaardag kreeg ik een schitterend cadeau. Eentje dat ik nooit meer had zien aankomen. Ik kreeg een “Proficiat met je baby!” kaartje. Aan de binnenkant stond geschreven dat dit hopelijk ons cadeautje was voor volgend jaar. Dat hij JA zei tegen een derde kind. Ik stond – van geluk – aan de grond genageld.

Niet zomaar impulsief, maar heel wel beredeneerd. Een bewuste keuze, een bewuste ‘ja’. Ik heb gejankt, heel veel. En omdat het nog even duurde voor ik het echt geloofde, heb ik nog een paar weken met een spiraal rondgelopen dat ik niet durfde te laten verwijderen. Gingen we echt nog een kindje krijgen? Wow, beste cadeau ooit.

De rest van het verhaal is je misschien bekend. Ik werd onmiddellijk zwanger en het was het begin van onze miserietrein. Want het eindigde in een miskraam, met een ontslag erbovenop, Tom verminkte zijn ellenboog, ik werd onvruchtbaar verklaard met het syndroom van Asherman na een curettage en als genadeslag stapte mijn broer uit het leven. Hoe ik uiteindelijk tegen alle verwachtingen in toch zwanger geraakte en het dan zelfs nog een meisje bleek te zijn. Hoe dat allemaal weer misging bij 25 weken zwangerschap en er nu uiteindelijk toch een gezonde brok geluk naast mij ligt te rollen. Een turbulente achtbaan, de zwaarste zes seizoenen van ons leven.

Ik maakte stiekem lijstjes, want mijn lief denkt niet na over namen vooraleer hij de dokter met 100% zekerheid heeft horen zeggen wat er wel of niet aanhangt. Een meisjesnaam deze keer, wow.

Ik had van in het begin twee favorieten, Rosanne en Rosalie. Uiteraard had ik voor de zekerheid nog andere namen op het lijstje gezet, maar deze twee sprongen er altijd uit. Ik vreesde het ergste, want een paar jaar eerder was Rosalie resoluut van de lijst gegooid. Voor de aardigheid liet hij Annabel en Mathilde ook nog staan, maar eigenlijk was Tom deze keer meteen overtuigd van Rosalie. Ik heb nog heel erg lang geprobeerd om het naar een Rosanne te draaien, maar zonder veel succes.

Op vakantie in Frankrijk was hij op een ochtend gaan lopen. Tijdens dit sportieve manoeuvre had hij er nog eens heel erg over nagedacht en voelde dat het een Rosalie Brutin moest worden, geen Rosanne. Diezelfde dag voelde hij Rosalie ook voor het eerst heel stevig schoppen, dus dat was dan beklonken.

Die vreemde zondagmorgen toen zij op twee minuten ter wereld kwam, vroeg de dokter tussen baby en placenta of we al een naam hadden (wat niet zo gek is natuurlijk, want op 26 weken heb je normaal nog heel veel tijd om daar over na te denken). Het was een van de vreselijkste momenten van ons leven, maar we keken elkaar aan en wisten allebei dat het echt Rosalie was. Dat was op dat moment het enige dat we zeker wisten. We konden niet zeggen of ze zou leven of sterven, maar ze zou altijd Rosalie zijn.

Het geboortekaartje was al in ontwikkeling op dat moment, maar ik heb met elleetmoidesign afgesproken om het even in de koelkast te stoppen. Een kaartje sturen op zo een moment, dat voelde verkeerd. Want ze was dan wel geboren, alles was onzeker. Want ze was dan wel geboren, maar ze had eigenlijk nog maanden in mijn buik moeten zitten. Want ze was dan wel geboren, maar ging het een geboortekaartje of een rouwkaartje worden. Eventjes niets, tot we haar ooit hopelijk mee naar huis mochten nemen.

Toen het er beter begon uit te zien, hebben we het concept van het kaartje veranderd. Er staan twee data op, twee maten en twee gewichten. Want 15 september is haar geboortedatum, maar 6 december is de dag dat ze echt haar nest vond. Dat ze echt naar huis kwam, en die dag was en is even belangrijk en groots.

Ik krijg vaak de vraag wanneer we haar verjaardag gaan vieren, of dat het misschien ook twee keer is. Ik probeer alleen gecorrigeerd naar Rosalie te kijken, alle maanden in het ziekenhuis probeer ik bewust niet mee te tellen. Haar verjaardag is dus altijd op 15 september, maar ze zal in 2020 dan nog maar een kindje van 9 maanden zijn. Uiteindelijk is het wel de bedoeling dat ze die achterstand zal inhalen tot je het niet meer merkt, maar de eerste jaren telt (medisch) haar gecorrigeerde leeftijd.

Rosalie is hier vaak Roosje. Ook al wilde ik het op voorhand liever verkleinen tot Rosie, het blijkt een Roosje te zijn.

Ik vind het schitterend passen bij haar, en ook bij Basiel en Felix. Bij het zachtroze van haar geboortekaartje en bij de weg die ze afgelegd heeft. Rosalie.

Ik lig niet zo wakker van betekenis, maar Rosalie zou verschillende dingen betekenen en dat past eigenlijk wel.

Kleine roos, als je vertrekt vanuit het Latijn.

Roem vanuit de Germaanse stam Rod.

En ‘dauw’ in het Slavisch.

Dat het een kleine Roos is lijkt me duidelijk. Ik zie haar ook wel fonkelen zoals de zon dauw in de ochtend kan doen schitteren. En wat die roem betreft. Sorry dochter, dat stuk is volledig de schuld van uw instagrammende moeder.

(En hoe ging dat bij jou?)

Posted in (extreem) prematuur, Dotje, Kind en gezin, Liefde | 7 Comments

Vloeibare liefde. En warmte.

Ik heb heel vaak nachtmerries. Dat schijnt normaal te zijn in het verwerkingsproces van alles, maar is soms toch knap vervelend omdat de slaapmomenten hier al serieus beperkt zijn. Maar gelukkig zijn er soms ook glasheldere, mooie dromen.

Net voor de kanteling naar de ochtend werd ik een tijdje geleden wakker. Het was alsof ik daar nog stond in mijn droom, een documentaire in te leiden over prematuur geboren kindjes. In mijn slaap was ik het gezicht geworden van prematuurtjes en vanuit die rol was ik doorgerold naar televisie. Een beetje teruggerold ook, naar de liefde voor het presenteren. Er zat veel in die droom, maar vast ook een portie grootheidswaanzin. Dat is niet erg, een droom is de meest ideale plek voor zotte gedachten.

Maar diezelfde dag – en heel veel dagen daarvoor en daarna – kreeg ik weer dezelfde vraag. Dat er iemand opgenomen was in het ziekenhuis, met een groot risico op vroeggeboorte. Of dat een kindje veel te vroeg de veilige haven van de baarmoeder had geruild voor een verblijf op neonatologie. En daarbij vooral “Ik wil een cadeautje geven, wat is gepast?”. Soms zelfs praktischer, genre “welke maat kleertjes voorzie ik het best?”

Het feit dat er mensen aan je denken is geweldig. Het feit dat er mensen meeleven met je verdriet is fantastisch. Elk kaartje, elk berichtje, elke attentie werd en wordt hier enorm gewaardeerd.

Maar ik moet ook eerlijk bekennen dat ik veel niet meer weet. Die periode is zo een verschrikkelijk waas. Het verloop van Rosalie zit haarscherp in mijn geheugen, maar hoe de dagen zich rond het ziekenhuisbezoek spinden is soms moeilijk te achterhalen. Als je kind 82 dagen in het UZ Gent ligt, word je geleefd. Dus voor iedereen die ik vergeten te bedanken ben toen: mijn welgemeende excuses. Het kwam niet altijd allemaal binnen, mijn focus lag te veel op overleven.

Dus als mensen mij vragen wat ze kunnen doen om premature ouders te steunen, dan zeg ik altijd hetzelfde. Hoe lief elke attentie ook is, het is vooral de praktische hulp die zoveel deugd deed. Geen enkele dag in die drie maanden had ik genoeg fut om iets op tafel te toveren. Om boodschappen te doen. Om daar zelfs nog maar over na te denken. Er waren zoveel ballen om in de lucht te houden, eten hoorde daar gewoon niet bij. Het antwoord ligt soms gewoon in een kom soep.

Ik kan buurvrouw i. nooit genoeg bedanken voor wat zij het afgelopen najaar voor ons heeft gedaan. Zij heeft zich spontaan georganiseerd tot verzamelpunt voor al het eten dat op onze stoep werd gebracht in de ziekenhuistijd. Ik hoefde me niks aan te trekken van wanneer dingen gebracht werden of eender wat, ze vroeg gewoon simpelweg of er al iets was die avond of niet. Of er nog plaats was in de diepvries of niet. Dat lijkt misschien onnozel, maar dat was van onschatbare waarde. Als de grond volledig onder je voeten wegzakt, dan is de warmte van een gebracht avondmaal een zachte aai voor je verdriet. Dus als je iets wil doen voor premature ouders die een hele dag in het ziekenhuis zitten: breng eten. Daar kan geen enkel cadeautje tegenop.

Alle praktische hulp die we gekregen hebben, dat maakte echt het verschil. Hulp bij de opvang van de jongens, boodschappen, eten op de stoep, een keer een was doen, wat klusjes in huis. Daar ben ik vandaag nog altijd zo dankbaar voor. Het netwerk dat is rechtgestaan om ons te helpen, zowel van ver als van dichtbij, dat heeft ons erdoor getrokken. De tranen schieten in mijn ogen, want ik kan bijlange niet iedereen genoeg bedanken. Ook al omdat ik veel mensen niet eens persoonlijk ken, wat het bijna nog mooier maakt.

In nood leert men zijn vrienden kennen, zeggen ze wel eens. Dat is waar, nood toont het ware gelaat van mensen. Soms komt intense hulp uit onverwachte hoek, soms blijft het stil aan vanzelfsprekende kant. Ik weet dat heel veel mensen redeneren dat we “hen maar beter met rust laten” – ik dacht dat vroeger misschien ook – maar nee. Ik spreek nu zowel voor de geboorte van Rosalie als voor de dood van mijn broer: stilte is duizend keer erger dan dat je misschien een verkeerd woord zou zeggen. Al kan dat bijna niet. Soms zijn er geen woorden, en dat is ook goed. Dan kan je er nog altijd zijn. De confrontatie is maar één keer een moeilijk, daarna spring je er gezwind overheen of is er zelfs geen drempel meer. Het enige wat je nodig hebt als ‘steuner’: een portie begrip voor wie je steunt. Als je er op zo een moment voor iemand wil zijn, verwacht dan niks (terug). Heb daar begrip voor, dat komt wel (terug). Maar dan misschien even niet. Omdat dan blijven ademen soms al een loodzware opdracht is.

Cadeautjes zijn natuurlijk leuk. Sowieso. Maar kunnen ook heel gevoelig liggen. Ik kon het in het begin bijvoorbeeld echt niet verdragen dat iemand “Proficiat” zei voor Rosalie, dat maakte me pisnijdig. Want er viel helemaal niets te feliciteren aan een kind met zo een onzekere toekomst. En al zeker niet tegen een moeder waarvan de baarmoeder het gewoon had begeven. Ik kon het niet verdragen, echt niet. Ik weet dat andere ouders dat net heel erg appreciëren, dus hou je niet in.Laat al die belachelijke sociale codes varen en zeg gewoon wat je voelt. Ja, ook de premature ouders. Het is niet zo heel moeilijk om te zeggen wat je fijn vindt en wat niet. Het kan vooral veel onnodig leed besparen.

Kleertjes voor een prematuur kindje, dat is lastig. Je kan een pakketje aanvragen via vzw Kleine Held (voor een kindje op neo) en ik zou persoonlijk niet verder gaan dan dat. Het moment waarop Rosalie kleertjes mocht dragen, is verschillende keren uitgesteld. Er zijn minitiatuurkleertjes die ze nooit heeft kunnen dragen, omdat ze niet fit genoeg was. Dat doet pijn. Als het moment daar is, kan je vast nog snel genoeg voor leuke dingen zorgen.

Ik weet dat het in deze speciale Coronatijden allemaal nog een pak ingewikkelder is om er echt voor mensen te zijn. Mijn hart breekt dubbel voor iedereen die nu door dat eerste rauwe verdriet moet. Van gemis of van een trauma zoals een vroeggeboorte, of wat dan ook. Want knuffels zijn de beste zalf. En knuffels vallen niet onder social distance.

We zijn een creatief volk. Als je echt iemand wil helpen maar er staan een hoop praktische bezwaren in de weg, is er vast nog een omweg waar je niet aan gedacht had. En zelfs al geraak je niet verder dan een “We denken aan je”-berichtje, dan is dat nog geweldig.

Al die warmte die op ons afgekomen is. Al die kaarsjes. Al die regenbogen. Al die lekkere ovenschotels. Al die lieve kaartjes. Alles. Dat heeft ons moed gegeven om er elke dag opnieuw voor te gaan. Maar de praktische hulp, dat is toch wel echt een pilaar geweest. Ik word steeds gevraagd naar tips, dat is em. Praktische hulp is da bomb.

Ik wil van de gelegenheid gebruik maken om echt iedereen te bedanken die voor ons iets betekend heeft in die moeilijke dagen. Van de kleinste mini attentie tot de grootste gebaren. We hebben het allemaal geapprecieerd. Er zijn mooie bedankkaartjes, maar die geraken helaas niet overal. Sorry.

Onthou dat de gewone dingen het sterkst binnenkomen. Een kom soep, een knuffel, een babysit. Als je minder je hoofd moet breken over praktische shit, komt er meer ruimte vrij voor de dingen die op dat moment echt belangrijk zijn.

Bedankt. Allemaal.

Ik ben sinds september verliefd op soep. Vloeibare liefde die je hart instant verwarmt.

Merci x 10000.

Posted in Dotje, Er zijn zo van die dingen, Kokeneten, Liefde | 3 Comments

Vroedvrouwgoud: Geboren in Gent.

Actrice, architect of vroedvrouw. Dat waren de drie dingen waar ik over twijfelde toen ik op mijn achttiende een keuze moest maken over wat ik later wilde worden. Dat is dit jaar – auch – precies achttien jaar geleden. Als ik opnieuw voor de keuze zou staan, ik zou weer even hard twijfelen.

Ik werd wandelen gestuurd op de toneelschool en ging dan maar Germaanse talen studeren omdat veel mensen ‘in de media’ dat hadden gedaan. Acteren is nog steeds een grote liefde, maar ik ontdekte dat presenteren me even gelukkig maakt. De architectuur werd helemaal afgevoerd omdat het met serieus wat wiskunde bleek te zijn, maar de interieurmicrobe is nog altijd springlevend.  In dat kader: een absoluut droomscenario is een nieuwe reeks van de huisdokter (of iets dergelijks) die ik zou mogen presenteren. Hupla, twee liefdes samen. Soms is het mooi weer in Utopia.

Maar ook vroedvrouw verdween nooit uit mijn gedachten. Ik zat nog in het middelbaar toen ik al zenuwachtig werd van mensen het hadden over het aantal maanden, want je bent geen negen maanden zwanger maar 40 weken. Ik ging al heel snel babysitten (vanaf mijn 13de) en was dolgelukkig toen er nog een klein boeleke bijkwam in mijn favoriete gezin. Kato was echt nog heel mini toen ze al een paar uurtjes aan mij toevertrouwd werd en ik vond dat geweldig. Later ging ik daar soms zelfs meerdere dagen babysitten. Heerlijk, geweldig, de max. Dat hele baby en zwangerschapsverhaal bleef me aantrekken.  En ja, ge moet het ook niet verder zoeken met mijn borstvoedingsgedoe. De allergelukkigste periode uit heel mijn leven was dan ook de moederschapsrust met Basiel. Ik ben nooit nog zo chill geweest als toen.

Raar eigenlijk dat ik pas tijdens de zwangerschap van Felix het bestaan van Geboren in Gent ontdekte. Toen nog onder een andere naam, maar met hetzelfde stel geweldige vroedvrouwen. Na de bevalling van Basiel wist ik dat ik het anders wou. Ik ben in 2012 zonder verdoving bevallen (oef, want dat was een grote wens van mij), maar achteraf bekeken onnodig ingeleid. Je bent onwetend en volgt de gynaecoloog, want die weten het toch wel zeker? Ondertussen weet ik dat daar verschrikkelijk veel verschil op zit. Ondertussen weet ik dat medische praktijken die alleen vertrekken vanuit risicobeperking en daarbij de natuur uit het oog verliezen (en andere risico’s creëren die je er dan maar gewoon moet bijnemen “want de baby is toch gezond”) niet bij mij passen. Ik geloof in een combinatie van de natuur én de medische wereld, niet in het uitsluiten van één van beide.

De bevalling van Felix was fantastisch, dankzij Karolien van geboren in Gent. Zij wist wat ik wilde en heeft dat ook mogelijk gemaakt. Volledig natuurlijk bevallen,  op mijn tempo. Dat bleek een speedbevalling van minder dan twee uur met een gigantische baby, maar het was heerlijk. Ik ben ongelooflijk blij dat ik deze ervaring heb, want anders zou het trauma van Rosalie nog groter zijn. Er is toch één bevalling waar ik met heel warme gevoelens op terugkijk.

December 2019, ik keek er zo hard naar uit. Nog eens bevallen, dit keer met de (voor mij) juiste gynaecoloog én met een vroedvrouw van Geboren in Gent. Ik heb met het grootste enthousiasme mijn geboorteplan ingevuld, ik was echt enthousiast. Iedereen weet dat een geboorte heel onvoorspelbaar is, maar je kan bij Geboren in Gent heel duidelijk aangeven wat je wil en hoe. Ook met een plan B, of zelfs een plan C. Alle scenario’s worden besproken en bekeken, zodat het een zo fijn mogelijke ervaring kan worden.

Wat de kers op de taart moest worden, liep helemaal anders. Het is een litteken op mijn ziel dat nooit hersteld zal worden. De geboorte van Rosalie is een gigantisch trauma. Ik zal voor eeuwig en altijd die drie maanden zwangerschap én bevalling missen. De tranen rollen over mijn wangen terwijl ik dit schrijf. Het is een gevoel dat je denk alleen maar kan begrijpen als een zwangerschap je veel te vroeg ontrukt werd, maar het doet krakend veel pijn. Schreeuwend, scheurend, verdwaasd veel pijn.

Maar gelukkig zijn er dan geweldige vroedvrouwen van Geboren in Gent. Door omstandigheden ken ik alleen Angelique en Karolien van het oranje team echt, maar dat zijn dan ook twee ongelooflijke toppers (de rest ook hoor!). Je kan bij hen terecht voor opvolging tijdens de zwangerschap, wat zalig is, want zij nemen veel meer de tijd om te luisteren, meer dan een gynaecoloog dat kan. Je kan uiteraard postnataal op hen rekenen, maar ze zijn er ook tijdens de bevalling. Dat kan helemaal thuis, of met een combinatie van arbeid thuis en begeleiding in het ziekenhuis. Maar vooral: ze zijn er.

Ik kan niet met woorden uitdrukken hoeveel steun ik heb gekregen van Karolien. We hebben een goeie klik en zijn door allerlei omstandigheden nog dichter bij elkaar gekomen, maar wat een vroedvrouw. Wat een vrouw.

Ze was er toen ik met licht bloedverlies naar het ziekenhuis ging. Ze stond er in de acht dagen dat ik de geboorte nog heb kunnen rekken in het UZ, ze stond er om naar dat kleine mensje in de couveuse te gaan kijken. Ze was er om me aan te moedigen tijdens de eerste aanhap en ze was er ook achteraf. Nog altijd.

Een zwangerschap en bevalling is verschrikkelijk uniek. Soms doe je het maar één keer, of twee keer. In ieder geval, de meeste vrouwen doen het geen twintig keer. Dus eigenlijk is er geen ruimte voor trial and error. Daarom kan ik alleen maar aanraden om je te laten begeleiden door deze vroedvrouwenpraktijk (of een andere, als je niet van Gent bent). Je vindt er een luisterend oor, een oplossing voor veel problemen, begeleiding op maat en veel liefde. De job vraagt bakken liefde, en die is er.

Het was afgelopen dinsdag ‘dag van de vroedvrouw’. De ideale gelegenheid om al die fantastische vroedvrouwen (én mannen!) eens serieus in de bloemetjes te zetten. Geweldige exemplaren in het ziekenhuis, maar ik heb een nog grotere boon voor de zelfstandige vroedvrouwen. Ze hebben de kunst om ongemerkt de intimiteit van je huis binnen te stappen, om tegelijk onzichtbaar en toch stevige houvast te zijn.

Het is nog te vroeg, maar het hele verhaal van Rosalie heeft nog andere dingen in gang gezet. Ik droom nog steeds van dat boek, ik zou heel graag lezingen geven om meer te vertellen over borstvoeding (want geschreven woorden zijn altijd verder dan een gezicht en een stem), ik zou meer willen betekenen voor andere verse (premature) ouders en zoveel meer.  Ergens heb ik vertrouwen dat het er ooit op de een of andere manier wel zal zijn.

Voor alle toekomstige ouders, ga eens kijken op de website van Geboren in Gent. Praat openlijk met je intimi over wat je meemaakt, mij had bijvoorbeeld niemand verteld hoeveel bloed je verliest na een bevalling. Had ik het geweten, ik had grotere onderbroeken voorzien voor die eerste dagen. Wees niet bang van een bevalling, het is een krachtige ervaring. Omringd met de juiste mensen kan het ook een prachtige ervaring worden. Zoek een fijne praktijk bij jou in de buurt.

Want goeie vroedvrouwen zijn goud. Puur goud.

Posted in (extreem) prematuur, Basiel, Borstvoeding, Dotje, Felix, Gent, Kind en gezin | 2 Comments