Maandbrief – 15

Je mag je kinderen niet vergelijken, dat weet ik. Maar ik heb nu eenmaal een blog (handig archief!) waardoor ik de verleiding toch niet kon weerstaan om eens te gaan kijken hoe je grote broer op zijn 15 maanden door ons leven huppelde. Want je kan wel denken dat alles in je hoofd is opgeslagen en dat je het allemaal niet vergeet, maar toen ik onlangs op papieren van het CLB moest invullen wanneer Basiel zijn eerste woordjes begon te zeggen, stond ik met mijn mond vol tanden. Ik hoop dat de experts van het CLB zich met mijn “vrij laat” geen grote zorgen zullen maken. Aangezien hij ondertussen vlot aan een welsprekendheidstornooi zou kunnen meedoen, ga ik er mijn slaap niet voor laten.

IMG_9681

Maar het ging dus over huppelen. Iets wat je grote broer op 15 maanden absoluut nog niet deed, maar jij eigenlijk wel. Je stapt nu toch al een dikke twee maanden en dat merken we. Niet alleen zitten je tenen alweer bijna door je allereerste (fucking dure) schoentjes, je durft ook al eens naar derde te ambriëren. Vierde zelfs, als je heel overmoedig bent. Uiteraard ga je nog geregeld tegen de grond en zijn er ook momenten waarop we twijfelen of je niet stiekem ergens een fles whiskey achterover geslagen hebt. Maar al bij al is dat waggelen vooral heel schattig.

IMG_9665

Dat klimmen iets minder. Ik had gehoopt dat het een fase was die we ondertussen konden uitzwaaien, maar ik ben er aan voor de moeite. Waarom zou je op een stoel zitten als je ook je pamperpoep op de grote tafel kan planten? The view is vast indrukwekkender daar, maar de kans om iets te breken (als je er af valt) helaas ook lieverd. Je bent ook veel te slim geworden: zelf een stoel richting aanrecht duwen, dat maakt er op klimmen stukken gemakkelijker. Als er dus iemand weet waar je ogen voor op je rug kan kopen, let us know.

Aan karakter mankeert het je ook niet. Soms zijn we zelfs een beetje bang, vooral als we net dingen hebben afgepakt die wij als potentieel levensgevaarlijk beschouwen voor peuters. Dat vrolijke snoetje kan instant veranderen in een donderwolk op speed. Maar ubercute overheerst, dus we kunnen er tegen.

IMG_9611

Ik denk wel dat jij de baas gaat worden in Brutin-broer-land. Hij wint voorlopig nog omdat hij gewoon bijna 3 jaar groter is, maar jij geeft niet af. Er gaan hier nog pittige momenten volgen in de Ooievaarstraat, dat is nu al duidelijk. Maar ze gaan in het niets verdwijnen bij al die momenten waarop we zitten te zwijmelen van verliefdheid. Wij voor jullie, wij voor elkaar, jullie voor elkaar, jullie voor ons. Echt, als liefde verf was dan zag ik er constant uit alsof ik de Colour Run net gelopen had.

En ik moet daar eerlijk in zijn, jij bent mijn grootste fan. Hoe jij soms echt tegen mij kan komen plakken, hoe je soms je hand in mijn boezem komt steken met bijhorende dwingende  Bambi-blik (ja, Bambi kon vast ook dwingend kijken) omdat je graag wil drinken of hoe je soms alleen maar rustig bent als het in mijn armen is. Ik heb van je papa een West-Vlaams woordje geleerd dat het mooi samenvat: flokken.

IMG_9731

Jij bent mijn flokkertje. And I love it.

Posted in Felix, Liefde | 5 Comments

De huisdokter #5: Felix’s Crib

Eigenlijk is de huisdokter ook nog niet echt langs geweest in de kamer van Felix. Misschien omdat slapen hier nog altijd niet vanzelf gaat. De buisjes hebben een wereld van verschil gemaakt, maar van deftige nachtrust is nog geen sprake. Pas op, er zit al eens een echte nacht tussen, maar we blijven – helaas – toch nog erelid van #teamnosleep.

2016-05-16 14.36.39

In Felix zijn kamer is er dus eigenlijk nog niet veel gebeurd. Mijn schoonouders hebben vorige zomer in een gigantische hitte een fantastisch mooi behangpapier tegen de muur geplakt en ik heb wat Ikea-meubels (die we al hadden) bijgezet. Ik zou het heel graag inrichten in deze stijl, maar eigenlijk is dat ook een beetje te zot voor woorden.

We hebben al meubels en de ruimte wordt nog niet volledig benut. Ik ga dus wachten met decoratie-investeren tot hij naar een groot bed verhuist. En ik voel aan mijn kleine teen dat het nog maar twee keer met mijn ogen knipperen is voor ik zal mogen gaan meubelshoppen.

2016-05-16 14.37.11 2016-05-16 15.23.30 2016-05-16 14.37.34 2016-05-16 15.23.20

Ik ben nochtans echt graag bezig met decoratie en de juiste dingen op de juiste plaats, maar nog even niet. De eerste prioriteit is slaap. Felix doet al eeuwen zijn overdagdutjes hier, maar de nachten blijven moeilijk. De jongens slapen een verdieping hoger dan ons, dus bij nachtelijke escapades betekent dat niet alleen uit bed komen, maar ook een verdieping stijgen. Mottig, ik zeg het u. Hij “slaapt” al heel veel nachten tussen ons of in het reisbedje dat we – tijdelijk eigenlijk maar ondertussen al een jaar – bijgezet hebben in onze slaapkamer. In de hoop op doorslapen ooit, quod non. Nachtvoedingen kunnen een fysieke behoefte zijn tot 18 maanden, dus daar maak ik me niet druk in. Maar huilbuien die moeilijk te troosten zijn, blijven lastig.

Een nieuwe poging tot eigen kamer is bijna twee weken geleden gestart. Elke nacht is er hoop op een volledige nacht slaap. Voorlopig hebben we de speld in de hooiberg nog maar een paar keer gevonden. Maar we blijven zoeken.

Tot die wolk van een baby tussen zijn wolkjes droomt van ‘s avonds tot ‘s morgens…

Posted in Felix, Thuis en al | 8 Comments

De medaille is binnen!

Exact vijf weken na mijn eerste start to run-les, stond ik een halfuur te vroeg aan de start van de 5km op de stadsloop in Gent. Ik had nooit gedacht dat ik deze keer – relatief pijnloos – zo ver zou geraken. Want toen mijn lief na mijn eerste lesje voorstelde om mee te doen, vond ik dat stiekem een grote grap. Maar het werd elke week serieuzer en eigenlijk was het bijna geen optie meer om niet mee te lopen.

Normaal sta ik aan de zijlijn te supporteren voor mijn loopheld. Het voelde echt gek om daar nu zelf in sportoutfit te staan terwijl Tom de steunhonneurs waarnam. Hij  had wat supporters op de been gebracht en ook Lien (en de rest van de familie) steunde mij superhard. Plus, ik wilde ook wel eens weten hoe het voelde om zo’n wedstrijd te lopen.

Vrijdagavond had ik op het gemak in de Bourgoyen nog les 22 gedaan, die bestond uit twee keer 15 minuten lopen met daartussen 2 minuten wandelen. Dat ging als niks, dus ik zag het zitten. Zaterdag zag het er eventjes iets minder goed uit, omdat ik de hele namiddag plat in de zetel heb gelegen met frequente spurtjes naar de wc-pot. Niet de ideale intervaltraining, dat. Toen ’s avonds duidelijk werd dat Basiel (precies zoals verwacht) ook geveld was door de windpokken, zakte de moed me even in de schoenen.

(null)

Maar tegen ’s morgens was alles eruit wat er in zat en kwam de meter van Basiel to the rescue als babysit, dus ik kon niet meer terug. Het ontbijt was nog met een klein hartje, maar toen dat op zijn plaats bleef, begon het pas echt te kriebelen in mijn buik. Mijn allerallerallerallereerste loopwedstrijd.

Ik was nerveus over de praktische gang van zaken (nummer ophalen, startvak en zo), maar gelukkig had ik een routiné mee. Chance ook dat de wachtrijen aan de Dixi’s vrijwel onbestaande waren, want ik ben er toch een paar keer gepasseerd. Ik was eigenlijk helemaal nog niet klaar, toen ik plots Sofie Bracke hoorde aftellen. Ik drukte wat verdwaasd op start voor Evy en zette de eerste meters in. Nu kon ik echt wel niet meer terug, ik heb had zelfs een nummer en al.

Ik vond de eerste kilometer redelijk frustrerend. Overal liepen er mensen voor mijn voeten, of groepjes lopers (doorgaans met hetzelfde T-shirt) die in troep naast elkaar liepen waardoor je niet kon passeren. Ik vond het moeilijk om mijn tempo te vinden in de drukte, maar ik probeerde het ook niet aan mijn hart te laten komen. Ik moest mezelf ook een beetje in de arm knijpen. Was ik echt een “wedstrijd” aan het lopen? Blij dat ik bijna meteen Lien zag staan, dat gaf toch al een serieuze boost. Niet veel later zag ik ook mijn lief en vergat ik te roepen dat hij een foto moest nemen. Gelukkig denkt Lien in bloggerstermen en had zij al voor een paar actieshots gezorgd.

IMG_9786IMG_9785

Er stonden blijkbaar borden langs het parcours om te weten waar je zat, maar die heb ik allemaal gemist. Ik heb zelfs nauwelijks een idee waar ik overal gepasseerd ben. Ik probeerde gewoon te lopen en niet te verzwakken. Plots hoorde ik Tom roepen “Ben je hier al, zo snel!” en kreeg ik weer extra goesting. Een halve kilometer later zag ik Peter met de kroost, en ook dat deed deugd. Dat was ongeveer halfweg denk ik, en het voelde allemaal nog goed.

Niet veel later voelde ik een steek in mijn zij opkomen en besliste ik vrijwel onmiddellijk om te wandelen tot die weg was. Dat duurde geen minuut gelukkig, maar ik was toch onmiddellijk teleurgesteld in mezelf. Daarna ging het moeilijker, zeker toen ik begon te beseffen dat ik ook nog de berg van de Sint Pietersnieuwstraat moest beklimmen. Ook daar heb ik heel even gewandeld. Niet meer dan 100 meter, maar toch. Ik vond het zwak van mezelf.

Ik wist waar Tom en Nathalie zouden staan, dus ik raapte mijn laatste krachten bij elkaar voor het einde. De zwaarste helling was toen voorbij en ik kon de finish al ruiken. Mijn lief gooit zijn medailles meestal weg na de wedstrijd, maar ik moet zeggen dat ik apetrots was toen ik er eentje mocht aannemen. Blij dat het voorbij was, boos omdat ik even gewandeld heb, maar toch ook geweldig trots.

(null)

Volgens mijn lief heb ik er minder dan 35 minuten over gedaan, met een tempo van 6’:50” (ongeveer) per kilometer. Ik vond het vrij demotiverend om mensen met medaille tegen te komen toen ik de laatste 200 m nog moest doen, maar ik vond het dan weer wel geweldig motiverend om te zien hoeveel mensen nog na mij kwamen finishen.

IMG_9787

Eindbalans: wanneer is de volgende wedstrijd? Ik vond het wel tof eigenlijk, vooral NA dat ik onder de finishboog was gelopen.

Posted in Bewegen, Gent | 18 Comments

In het perfecte weekend

 

  • Heb je op vrijdag een kleine mental breakdown die er al een paar weken zat aan te komen. Dat voorstel van Rutten waarbij mijn moeder- en borstvoedingshart even aan stukken werd gereden, nog meer door de side-uitleg die ze er bij gaf in interviews. Ik ga het er hier niet over hebben, want de meningen zijn duidelijk verdeeld en ik heb geen zin in discussie. Maar het was even te veel. Waarschijnlijk door het zware slaaptekort van de week daarvoor, wat hormonen en een drukke week. Wie zal het zeggen? Feit is dat ik me die vrijdag (en heel veel dagen daarvoor) echt neerslachtig en triest voelde.
  • Begin je op zaterdag een beetje te rommelen in huis, waarna lief en oudste zoon enthousiast naar het containerpark gaan. Een opgeruimd huis geeft altijd energie!
  • Heeft je lief dringend korte broeken nodig en spoor je hem aan om even te gaan shoppen. Om daarna hetzelfde te doen als hij terug is met zijn aankopen. Allebei me-time, kindjes ondertussen rustig spelend of slapend. Extra bonus: ik heb ineens ook een bikini voor onze kampeeravontuur met Vacansoleil binnenkort! (Aftellen. Over een week zijn we daar al!)
  • Beslis je daarna halsoverkop om toch al naar zee te vertrekken, omdat Basiel soms nog wat last heeft met de begrippen gisteren/straks/morgen/nu. En we hadden de zee beloofd, dus we hebben onze koffer volgeladen en zijn naar daar gegaan. Mijn ouders zaten daar op een appartement en hadden ons uitgenodigd voor het ontbijt, maar bed and breakfast was ook een optie.
  • IMG_9630
  • Stop je voor avondeten bij je schoonouders die op de weg naar zee liggen, eet je samen een boterhammeke en rijdt verder. En passant kon mijn lief ook zijn sportzak afzetten, zodat hij de volgende dag van Wenduine naar Brugge kon lopen en na het douchen ook echt propere kleren kon aantrekken.
  • Kan je onverwachts een strandwandeling maken in de schemering met de man van je leven. Die ook heel serieus opmerkt dat zo’n wandeling toch wel echt in de categorie romantisch valt en hoopt dat hij daarmee zoveel punten scoort dat hij weer drie maanden vrijgesteld is van kaarsen. Not, maar ik heb wel goed gelachen.
  • IMG_9615
  • Werk je ‘s ochtends les 20 van Start To Run af in de duinen (heerlijk pad tussen Wenduine en Blankenberge), op het strand (dat was redelijk gigantisch vermoeiend door het hoogtij) en de dijk zonder pijn. Hoera! Nog nooit zo ver geraakt!
  • Speelt Club Brugge kampioen. Mijn lief, schoonvader, schoonbroer, schoonbomma en nog een heleboel maten geweldig content. En omdat ik nu al meer dan 5 jaar verplicht wordt om half mee te kijken, maakte mijn hart toch ook een sprongetje. Al kon Michel niet anders dan winnen, na het telefoontje van Felix.
  • IMG_9622
  • Moet ik eens niet werken op een feestdag, waardoor ik echt een verlengd weekend had. Gigantisch uitzonderlijk, waardoor ook gigantisch welkom en extra speciaal.
  • Laat je de kindjes nog een nachtje aan zee, zodat wij eens wat slaap en tijd voor elkaar kunnen inhalen. Garnaalkroketje gaan eten, kei vroeg gaan slapen, heerlijk lang geslapen en daarna nog heerlijk lang in bed blijven liggen. Allemaal dingen die eeuwen geleden waren en daardoor echt super veel deugd hebben gedaan.
  • Worden na de middag de kindjes thuis afgezet, op het moment dat het huis echt veel te stil en leeg begint aan te voelen. Daarna: knuffelen!
  • Maak je nog een ferme wandeling op zoek naar de schapen die het gras in Gent kort eten. We hebben ze niet gevonden, maar ik ben zo toch aan mijn stappen geraakt en we waren nog eens buiten.
  • Ga je uiteindelijk slapen met een heerlijk gevoel. Met een weekend dat met een vreselijk slecht gevoel en huilbui begon, maar eindigde op wolkjes. Naast de mannen van mijn leven. Honderdduizend hartjes.

Het is weer weekend zeker? Bring. It. On.

Posted in Uncategorized | 5 Comments

To stadsloop or not to stadsloop?

Het is allemaal begonnen in de aanloop naar de vijfde marathon van mijn lief. Ik kan maar beter eerlijk zijn, ik was jaloers. Jaloers op zijn doorzettingsvermogen, jaloers op zijn prestaties, jaloers op zijn conditie. Ik weet dat jaloezie geen propere emotie is, maar toch. Ik hoef je niet te vertellen dat het leven hier druk genoeg is en dat sport inpassen niet altijd evident is. Maar ik heb er zoveel deugd van, dat ik mijn best deed met zwemmen en lessen bij  Stadium. Ik vind lopen meestal wat saai, maar het is wel de makkelijkst inpasbare sport van allemaal. Je hebt eigenlijk alleen maar een moment en goede loopschoenen nodig. Het kan voor de rest ongeveer overal. Ok toegegeven, een douche achteraf is ook meegenomen.

Ondanks eerder blessureleed, wilde ik start to run dus echt nog eens een kans geven. Ik heb wel al meteen gezondigd, want ik ben begonnen op les 6. Mijn conditie is niet slecht, dus de eerste lessen voelen een beetje te belachelijk voor mij. Arrogant, ik besef het. Maar op conditie zou ik meteen een halfuur kunnen lopen, voor mijn rechterbeen doe ik het niet. Les 6 was een mooi compromis.

Lien had me een paar maanden geleden al van die tubes cadeau gedaan, dus die draag ik trouw aan mijn slechte been. En ik leg ook flink ijs voor en na het lopen. En wowkes, maar het lukt voorlopig. In het midden van de loop heb ik meestal wel een pijnlijk moment, maar hoe langer ik loop, hoe beter het gaat.

Mijn lief was zo enthousiast dat ik ook ging lopen (hij ziet ons al samen een marathon lopen en ik laat hem voorlopig in zijn waan), dat hij meteen Strava en Runkeeper geïnstalleerd heeft. Ook zo’n band aan mijn arm om mijn gsm in te stoppen, al slaag ik er voorlopig niet in dat zelf te bedienen. Hij ziet het zo zitten, dat we zelfs al een keertje samen zijn gaan gelopen. Na die les 14 heeft hij er nog 10 km bijgekletst, zo is hij dan ook weer wel. Maar toch, romantisch he?

IMG_9431 IMG_9432

Zondag heb ik les 20 afgewerkt aan zee. Die zag er als volgt uit: 8 lopen – 1 wandelen – 8 lopen – 2 wandelen – 8 lopen – 1 wandelen – 8 lopen. En dat ging echt heel goed, zelfs toen ik door een verkeerde routekeuze plots op het strand belandde en anderhalve km in mul zand moest lopen (wegens gigantisch hoogwater en door een schuimbuffer zelfs geen branding beschikbaar). Ik ben dus voorzichtig optimistisch.

IMG_9644

Het gaat nu al bijna vijf weken echt goed. Ik loop trouw drie keer per week en vind het zelfs echt leuk. Owmaagod. Ik trek de voordeur soms nog dicht op een uur dat ik twee maanden geleden gegarandeerd al in mijn bed lag. Wie had dat ooit gedacht? Mijn lief dus. Die riep na mijn eerste les al dat ik dan zou kunnen meedoen aan de 5km op de Stadsloop van Gent. Dat was dus altijd ergens in mijn achterhoofd een half doel. Al dacht ik even goed dat ik het nooit ging halen.

Maar nu zondag is het dus zover. En ik zie drie opties:

A. Ik loop niet mee. Want “ladies run” is op zich al een denigrerende naam en 5km een belachelijke afstand. Maar vooral, ik ben nog niet echt aan het einde van de start to run lessenreeks.

B. Ik loop mee en volg gewoon het schema dat Evy in mijn oor fluistert. Ik loop dus mee en doe les 23 op de stadsloop. Om niet aangemoedigd te worden tijdens het wandelen, zou ik dan wel een sandwichbordje dragen waarop staat: “Ik doe Start to Run, ik moet wandelen van Evy”

C. Ik loop gewoon de 5 km op een rustig en traag tempo en zie waar ik uitkom. Met het riscico een toptijd neer te zetten of als laatste over de streep te komen.

Over een paar dagen is het zover. Ik ben officieel nog niet ingeschreven. A, B of C gasten?

 

Posted in Bewegen, Gent | 17 Comments

Het verhaal van verpleegster Hilde

Er was eens een meisje dat in juni ’82 afstudeerde aan de verpleegsterschool. Drie maanden later trouwde ze met een slager en kwam ze bij een ander soort vlees terecht. De verpleegsterschort ging met veel spijt in het hart aan de haak.

Een paar decennia, drie kinderen en duizenden kilo’s vleessalade later, begon ze opnieuw te dromen over haar roeping. Er gingen nog wat jaren voorbij, er passeerde al eens een infodag over opfrissingscursussen of het internet werd afgeschuimd naar informatie.

Op een dag vertrok er – samen met een klein hartje – een sollicitatiebrief naar een rust- en verzorgingstehuis in de buurt. Meteen starten als verpleegster was natuurlijk uitgesloten, want een diploma dat dertig jaar in de kast ligt is niet meer zo fris. Bovendien zijn verpleegprocedures een beetje zoals de richtlijnen bij Kind&Gezin, die durven al eens om de vijf minuten te veranderen vernieuwen.

Maar één gesprek later stond Hilde, als prille vijftiger, voor het eerst in haar leven wel op de arbeidsmarkt. Bijna dertig jaar vlees verkocht, maar eindelijk weer aan de slag om levend vlees te verzorgen. Een trapje ‘lager’ dan een verpleegkundige, maar wel zorgend met hart en ziel. Wij zagen haar openbloeien, genieten, enthousiast vertellen over leuke collega’s,  met liefde praten over de bewoners en begrepen dat die verpleegsterkriebel bijna dertig jaar lang heel hard was blijven kietelen.

Een jaar later ging het nog een stap verder. Een paar dagen per week zat Hilde op de schoolbanken, om opnieuw echt als verpleegster aan de slag te kunnen. Nog voor de opfrissingscursus begonnen was, stond er al een job te wachten in het RVT. Ze wilden haar er zo graag bij. Vijftig plus ja, maar met zoveel enthousiasme dat ministers die prediken dat we allemaal langer moeten werken maar zelf graag op tijd hun schup afkuisen, er nog een serieus puntje aan kunnen zuigen.

Verpleegster Hilde werkt nu weekends, feestdagen, vroeges en lates. Allemaal heel onregelmatig, wat niet evident is. Zeker niet omdat er ook twee kleinzonen en andere nichtjes en neefjes zijn waar ze nog graag voor zorgt. Het werk is fysiek ook niet te onderschatten, maar de bewoners en collega’s maken veel goed.

Je moet het haar maar nadoen. Als vijftigplusser op de arbeidsmarkt stappen, van bij het eerste gesprek een job vasthebben en daarna zelfs nog opklimmen. Eat this, vergrijzing.

Verpleegster Hilde is mijn moeder. En ik ben apetrots op haar parcours.

Op moederdag moesten we allebei werken, dus de bloemen van vorige week zijn een blog geworden. Telt dat ook?

Posted in Er zijn zo van die dingen, Rapporteren, Werk | 19 Comments

De windpokken are in the house.

Eigenlijk zijn wij een beetje verwend. Op bijna vier jaar ouderschap is het ongeveer de eerste keer dat we voor een echt opvangprobleem zaten met een “ziek” kindje. Ik zet ziek dan nog tussen aanhalingstekens, want aan Felix zelf is behalve wat pokken helemaal niets te merken. Maar de toegang tot de crèche wordt hem verboden tot de blaasjes zijn ingedroogd, vanwege het besmettingsgevaar. Ik heb daar een dubbel gevoel bij. Ten eerste heeft hij ze daar opgelopen – wat ik niet erg vind, that’s life – en ten tweede was hij vorige week de dagen voor de uitbraak ook al (onzichtbaar) besmettelijk. In andere landen worden  zelfs windpokfeestjes georganiseerd, zodat kinderen elkaar aansteken en er vanaf zijn.

Er wordt meestal nogal lacherig gedaan over de windpokken. Het is een kinderziekte, ze moeten er toch door. Dat klopt, maar onschuldig is het niet. Meestal wel, maar het kan ook echt gevaarlijk en zelfs dodelijk zijn. Ik had de voorschriften voor vaccinatie klaar liggen, maar het was er nog niet van gekomen. Misschien omdat onze huisdokter nog niet helemaal overtuigd is van het vervolgvaccin (dat nodig is in de puberteit), misschien omdat een windpokuitbraak als volwassene helemaal verschrikkelijk is.

Dit gezegd zijnde, voorlopig is het hier wel een lachertje. Felix heeft redelijk wat pokjes op zijn hoofd en buik, maar eigenlijk valt het best goed mee. Hij heeft geen koorts, hij lijkt geen jeuk te hebben, hij is vrolijk. Behalve ’s nachts dan, sinds de dag voor de uitbraak denkt hij dat ik een open bar ben. Hij wil drinken, drinken, drinken. Na wat opzoekwerk en navraag blijkt dat vrij normaal te zijn. De windpokken zijn een serieuze aanval op zijn immuunsysteem, wat hij onbewust zelf probeert te counteren door antistoffen te tanken bij mij. In combinatie met de warmte van de laatste dagen, levert dat nog extra dorst op. Maar de tank moet soms echt een beetje slapen, dus we hebben hem ook water gegeven ’s nachts. Ook dat ging gretig binnen, maar was niet genoeg. Dus ja, #teamnosleep is helemaal terug.

IMG_9466

Zowel Felix als Basiel zijn eigenlijk weinig ziek. Ze durven al eens een dag flink koorts maken, maar tot nu toe was het de volgende dag altijd gepasseerd. Uiteraard ben ik dat hier nu vollen bak aan het jinxen.  Zoals die keer dat we trots vertelden dat Basiel eigenlijk zelden ziek was en hij toen vijf minuten later zijn vader volledig onderkotste. Karma in your face, en kots ook die keer.

Maar Felix dus. We waren nog maar net bekomen van het feit dat we vergeten waren dat vorige week vrijdag een brugdag was voor school en crèche (Last minute oplossingen zoeken! Help! Dikke merci voor de invallers!), toen ik donderdag een pokje opmerkte op zijn hoofd. Ik dacht eerst nog aan een muggenbeet en stond er niet bij stil. Pas toen ik hem vrijdag ophaalde en plots nog van die “muggenbeten” zag, besefte ik dat het windpokken waren. Een week of twee eerder had een ander kindje het gehad in de opvang, dus ik moest niet verder zoeken. De windpokken are in the house.

Tot zondag kwamen er elke dag pokjes bij, maar al bij al valt het goed mee. Hij heeft overdag ook geen last. Ik zie hem niet krabben, hij is vrolijk, hij maakt geen koorts. Maar hij mag niet naar de opvang. En ik kan u vertellen, dat is mottig.

IMG_9496

Maandag is mijn schoonmoeder ingesprongen, maar voor de rest van de week moest er een andere oplossing gevonden worden. Op mijn werk zijn ze best flexibel, maar het programma moet er wel zijn. En voor Tom was verlof ook geen optie. Ik wist dat er zoiets bestond als opvang van zieke kindjes door de mutualiteit, maar het was een beetje een ver-van-mijn-bed-show. Tot nu.

Zaterdag kregen we niemand te pakken bij de dienst, maar zondag was het eigenlijk meteen geregeld. Dinsdagmorgen stond S. zoals afgesproken om 7u15 aan de deur. Gelukkig was Tom al aangekleed op dat moment. Het voelt een beetje raar om een volstrekt vreemde binnen te laten in je huis en je kindje daarbij achter te laten, maar ik troost me met de gedachte dat die mensen daarvoor zijn opgeleid. Komt dus wel goed, ook al blijft het raar. Maar een dikke hoera voor deze dienst!

Ik heb trouwens een donkerblauw vermoeden dat we ze over een week of twee opnieuw zullen mogen inschakelen. Basiel is de windpokdans al een paar keer ontsnapt. Maar als hij deze keer niet aangestoken is, dan heeft hij het stiekem al eens gehad zonder het ons te vertellen. Ik verwacht me in ieder geval aan een to be continued.

Posted in Basiel, Felix, Kind en gezin | 17 Comments

Ode aan de Brugse Poort. #9000

Het begon met een cirkel op de kaart van Gent. Wij wilden graag een nestje binnen die cirkel, en vonden dat bij jou. Een wervelende wijk, met zoveel geuren en geluiden dat je met je ogen dicht in elke hoek van de wereld zou kunnen zijn. De verliefdheid begon nuchter, omdat jij de wijk was waarvoor ons budget toereikend was. Maar de vlinders groeiden tot liefde en trots.

Toen ons nestje wat krap werd met twee kleine vogeltjes, was mijn achterhoofd bang dat ik jou zou moeten verlaten. Mijn wijk. Onze plek. Thuis. Het nieuwe adres is op verschillende fronten een wonderlijk cadeau, maar mijn hart maakte extra veel sprongetjes omdat we gewoon konden blijven waar we waren. Aan de andere kant van de rommeligste straat van Gent, maar nog altijd in de Brugse Poort.

Oh pas op, ik vloek ook op jou. Want ik moet bij elke stap opletten dat ik niet in een hondendrol stap. Want je schoonheid zit soms verstopt onder bergen sluikstort. Want ik kan vaak met mijn fietskar niet passeren omdat dubbel parkeren hier een nationale sport is. En die keer dat het vuilnis meters hoog opgestapeld in de Bevrijdingslaan stond, ben ik ook nog niet vergeten.

Maar tegelijk weet ik waar het Turks brood het lekkerst is en kan ik op bijna elk moment van de dag verse groeten en fruit vinden. Een wandeling van school naar huis kan soms een eeuwigheid duren, omdat we op elke hoek glijbanen, grasveldjes of schommels tegenkomen. Marjan van Het Blazoentje hoeft niet meer te vragen welk brood ik wil bestellen en noemt me gewoon Sofie. En de buurman knikt en zegt vrolijk “dag buurvrouw” als ik hem op straat passeer.

Als ik drie heel grote stappen zet, ben ik het historische centrum van een fantastische, culturele, middeleeuwse, wereldlijke provinciestad. Op mijn fiets is het een tocht van nog geen 10 minuten, waarbij ik gegarandeerd onderweg “hallo” moet zwaaien omdat Gent mijn dorp is geworden. Aan de andere kant ligt een fantastisch natuurgebied. Op een zucht van mijn voordeur wandel ik de Bourgoyen binnen, waar de natuur zo groots is dat je even vergeet waar je bent. Mijn achterdeur kijkt uit op een mix van theater, koffie en kringloopspullen. En dan zijn er nog zoveel windrichtingen die ik moet ontdekken, zelfs vijf jaar later kan je me nog steeds verrassen met hoekjes en kantjes.image

Oooh Brugse Poort.

Mijn thuis. Mijn dorp. Mijn stad. Mijn hart.

Posted in Gent | 10 Comments

Dat ik een kalle ben.

Met grootouders die niet achter de hoek wonen, maken wij gretig gebruik van de moderne technologische mogelijkheden. Vooral facetimen is hier geweldig populair. Basiel vraagt meteen “Wie gaat er komen mama?”, als hij het geluidje hoort. Het gaat zelfs verder, een telefoon zonder scherm vindt hij helemaal raar. Hij hoort dan wel de persoon aan de andere kant van de lijn, maar snapt niet waarom hij die niet kan zien.

Ok, ik beken, ik gebruik ook nog een prehistorische Nokia-toestelletje (I know – ge had meer hipheid van mij verwacht – maar het heeft met werk te maken) dat hij dan ondersteboven draait om de telefonerende persoon te zoeken. Als ik hem ga vertellen dat ik ooit nog aan een radje heb moeten draaien op een telefoontoestel met een draad, gaat ie voorzekers denken dat ik begin te dementeren.

Maar ik wou eigenlijk gewoon vertellen dat ik met mijn moeder aan het facetimen was. De gsm stond tegen de vaas met tulpen, Basiel zat ervoor met een bord boterhammen en overliep ondertussen zijn week wat met moeke. Af en toe moeten er ook al eens dingen geregeld worden, dus ik zocht mijn agenda. Wij hebben een superhandige gemeenschappelijke elektronische google-agenda, die ik echt niet meer zou kunnen missen. Ik zie de agenda van Tom, hij ziet die van mij en we hebben ook een gedeelde gezinsagenda. Goud waard, serieus. Maar ik zocht dus mijn telefoon, want daar kan ik mijn agenda het snelst bekijken. Ik had ook boven naar de bureau kunnen lopen en mijn computer opstarten, maar dat duurt toch langer dan we tegenwoordig verwend zijn om elektronisch bediend te worden.

Ik begon dus aan mijn zoektocht. Maar enfin, waar ligt die nu weer? Niet in de zetel. Niet in de spleetjes van de zetel. Niet onder de zetel. Niet op de kast. Niet onder een trui. Niet in mijn handtas. Niet tussen het speelgoed. Ik vroeg zelfs aan Basiel of hij mijn gsm niet had gezien.

“Misschien in de badkamer mama?” Dat is zijn standaardantwoord, maar volledig terecht. Ik ben de world’s worst possible zoeker (zeker volgens mijn lief) en het ding ligt inderdaad vaak in de badkamer als ik het – weer eens – kwijt ben. Maar deze keer niet. Ik stond bijna op het punt om met mijn Nokia ding te bellen naar mijn iPhone, om dan iedereen het zwijgen op te leggen zodat ik hem kon horen.

Toen besefte ik dat ik een kalle ben. Want we waren namelijk al de hele zoektocht gewoon aan het facetimen_met_die_iPhone. Right. Goeien bal Sofie.

Ik steek het op mijn lidmaatschap van #teamnosleep. Of moet ik de groep verlaten, nu Felix al twee keer doorgeslapen heeft?

 

Maar ik wil wel nog altijd zo’n pull hoor, pretty please. 

Posted in Want zo ben ik | 10 Comments

Het peter&meter-etentje

Het is niet omdat ik onlangs een klein beetje gefulmineerd heb tegen de katholieke kerk en haar rituelen, dat ik een traditiehater ben. Wel integendeel, ik ben een grote fan van gezinserfgoed. Onze kinderen hebben allebei ook een meter en een peter. Niet vanuit het katholieke perspectief, wel vanuit het idee dat we bewust bij elk kind twee mensen gekozen hebben waarvan we hopen dat ze een speciale plek krijgen in hun leven. Mensen die hen iets kunnen bijbrengen, waar ze kunnen op rekenen en van houden. Mensen die wij graag in ons leven hebben, en houden. En ok, voor het gemak hebben we dat peter en meter genoemd. Als het van de kerk komt, verontschuldig ik mij graag voor het stelen van hun terminologie. Of komt het ergens anders vandaan?

2016-05-01 11.04.05

We hebben zowel bij Felix als bij Basiel ook goed nagedacht over de compatibiliteit van beide partijen. We vonden het voor onze sloebers wel een leuke gedachte als meter en peter ook goed overeenkwamen. Bij Basiel ging dat eigenlijk vanzelf. De meter (zus van Tom) en de peter (goede vriend van Tom) waren voor er nog maar sprake was van huizen of kinderen kopen, al genoeg samen op zwier geweest om de zwier goed te kennen. Bij Felix lagen de kaarten iets anders. Zijn peter (mijn nonkel) en meter (goede vriendin van mij) kenden elkaar op voorhand eigenlijk niet. Maar wij kennen ze allebei goed (deuh-euh), en we wisten dat het wel zou matchen. Dat bleek ook het geval toen we de drie gezinnen in het najaar hebben samengebracht. Geen gemeenschappelijk zwier-verleden, maar dat komt helemaal in orde.

2015-10-17 20.17.01

Felix – editie 2015

Om maar te zeggen dat wij zelf een traditie hebben ingevoerd: het peter en meter-etentje. Eigenlijk gaan de credits naar de meter van Basiel, want zij is ermee begonnen om ons allemaal uit te nodigen. Het jaar daarna heeft de peter dat ook gedaan en dit jaar was het onze toer. Bij Felix zijn we de traditie zelf begonnen, omdat peter en meter elkaar eerst nog moesten leren kennen. Maar de volgende keer is het daar aan de peter, en zo gaan we het rijtje af.

IMG_2453

Basiel – Editie 2014

IMG_4796

Basiel – Editie 2015

Bij die traditie hoort natuurlijk ook een fotosessie. Al was het maar om te zien hoe iedereen jaar na jaar evolueert of om Basiel op zijn 18de verjaardag een mooie kader cadeau te kunnen doen met alle foto’s. Want het is wel de bedoeling dat we de traditie zo lang volhouden, minstens.

2016-05-01 14.25.01-1

Basiel – Editie 2016

Het weer was onverwacht schitterend gisteren, waardoor we voor het eerst dit jaar echt hebben kunnen genieten van onze tuin. Er is nog niets aangeplant of in orde gemaakt, maar dat geeft niet. Ik ben nog altijd licht in shock over het feit dat wij een tuin(tje) hebben én midden in de stad wonen, de inrichting komt nog wel eens een andere keer. Er is alvast zon en plaats, twee dingen die in ons vorige huis iets moeilijker te vinden waren.

2016-05-01 15.37.32

Dus ja, zalige zonnige traditie. Ge moogt het concept gerust eens lenen als ge wilt, want het is echt heerlijk.

Posted in Basiel, Felix, Kind en gezin, Rapporteren | 5 Comments