De trilstop.

“Ja, dat is juist. Jij had gemaild. Ok, wat scheelt eraan?”

— Awel ja. Het lichtje brandt nog wel, maar hij trilt niet meer. Dus ik denk dat hij echt wel kapot is.

“Maar ge zijt toch zeker dat ie opgeladen is he? Want voor ik iets kan doen, moet ik toch wel zeker weten dat hij niet gewoon plat is. Dat begrijpt ge wel”

Dame neemt alles gretig vast en steekt het even in de usb-poort. Nu moeten we een paar minuten wachten. Dus ja, making conversation.

— Seg en zitten jullie hier al lang? Want ik wist eigenlijk niet dat jullie ook een winkel hadden?

“Jaja, toch al efkens. Ah ja, want de Rudi* en Sabine die waren eerst alleen begonnen met die avonden. En dan ja, de Rudi wilde nog uitbreiden. Allez, ze konden dat niet meer bolwerken. En dan is Sonja er  ook voor gegaan. Ja weet ge, eigenlijk zijn het twee firma’s. Maar we zijn dezelfde mensen he. Ah kijk, het is klaar. We kunnen eens testen. Ja, dat is kapot he. Ik mag u nen andere meegeven. Het is zelfs het nieuw modelleke. Ziet ge, dat heeft hier vanboven nog een extra dingske. Goe gerief zenne.”

— Dat gaan we dan eens uittesten he (knipoog). Ge zijt al vree bedankt!

.

.

(Het zou kunnen dat deze conversatie plaatsgevonden heeft omdat een vibrator de geest gegeven had)

(Van iemand die ik ken he)

 

*De namen in deze post zijn mogelijks veranderd om privacy-redenen.

Posted in Want zo ben ik | Leave a comment

De snurksjot.

Dus.

Ik lig in mijn bed en ik heb kei hard het gevoel dat ik nog wakker ben. Het is te zeggen, ik denk na over het leven. Over de problemen daarin, over hoe we die gaan oplossen. Of wat we morgen weer eens zouden eten. Eventueel zelfs hoe mensen zich in godsnaam onveiliger kunnen voelen door het circulatieplan, zoals ik op de radio hoorde.

Over het algemeen gesproken toch dingen waar je een zekere portie wakkerheid voor nodig hebt. En terwijl ik dat zo lig te bedenken, krijg ik een sjot van mijn lief.

Dat doet hij omdat ik aan het snurken ben. Dat weet ik, anders doet hij dat niet. Ik weet ook dat ik snurk, want heel soms hoor ik een snurk terwijl ik slaap val. Maar terwijl hij sjot, besef ik dat dus aan het snurken moet zijn. Maar tegelijkertijd heb ik het gevoel dat ik nog wakker ben.

Sorry voor mijn lief ook wel. Want hoewel dat snurken met periodes is en vooral aanwezig tijden verkoudheden, wou ik dat het niet bestond. En laat ons eerlijk zijn, sexy is anders.

Maar ik snap dus totaal niet hoe ik wakker kan zijn (want ik weet nog wat ik aan het denken ben) en tegelijkertijd toch een bos kan omzagen.

Dat is nu toch echt kei raar?

Posted in Want zo ben ik | 9 Comments

Wishlist.

Basiel vroeg wel hoe Slecht-weer-vandaag nu precies op die daken geraakte , maar was tegelijkertijd helemaal overtuigd hem diezelfde nacht op het dak gehoord te hebben. De vorige jaren werd de man met staf en mijter nogal lauw onthaald, maar dit jaar was het een gigantische hit. We hebben zelfs een foto om ze over een jaar of twintig mee te confronteren, als de fantasiefeiten verjaard zijn.

Omdat het geweldige evenement van Sinterklaas en de tutjesboom maar één keer per jaar georganiseerd wordt en de tandarts elke keer een litanie afsteekt over die verdomde tut, heeft Felix zijn siliconen vriendje afgelopen dinsdag ook afgegeven. Ik heb dat in gang gestoken en misschien was het echt veel te vroeg, want het inslapen verloopt sindsdien nogal moeilijk.

De afgelopen dagen was hij ook veel vroeger wakker dan anders. Maar het meest opvallende: hij wil weer drinken bij mama. En als je zou denken dat er na een paar weken inactiviteit geen druppel meer uitkomt: forget it. Als je zo lang voedt, kan je ook na a fortnight (ik wilde dat woord altijd al eens gebruiken, sorry) zonder dorstig kind nog een wolkje melk voorzien. Dat blijft stromen, crazy.

Maar ondertussen is de goedheilig man allang weer bij zijn mandarijnen (daar waar het WARM is – jaloers) en dringen de kerstbomen zich op. Als ik alleen met mezelf rekening moest houden, zou ik de feestdagen het liefst volledig overslaan. Rechtstreeks naar februari, dat lijkt me wel wat. Maar voor mijn kroost wil ik wel graag fijne tradities creëren. De kerstboom versieren is er eentje van. Vorig jaar tijdens de soldenperiode alles ingeslagen (ik begrijp dat ge serieus onder de indruk zijt van mijn strakke 1-jaar-op-voorhand-planning), straks gaan we het ding versieren.

Ongeveer 17% van de cadeautjes is zelfs al in orde, voor de overige 83% is inspiratie heel erg welkom. Maar ge weet hoe dat gaat. Terwijl ge over de geschenken van anderen ligt na te denken, begint uw eigen wish-list plots voor uw ogen te dansen. Die ziet er oppervlakking ongeveer zo uit:

  • Een mooie fietshelm (Ik heb beslist om met fietshelm te gaan fietsen. Ik heb al te veel dokters op tv horen zeggen dat het echt een groot verschil maakt. Het mag er nog zo belachelijk uitzien, safety before fashion)
  • Een grote plant (Mijn lief is helemaal tegen groen in huis, maar ik ben grote fan. We hebben nergens een grote plant staan en ik zou dat wel graag hebben. Wel eentje die niet gemakkelijk doodgaat, want ik stond niet in de rij toen de groene vingers werden uitgedeeld)
  • Een kruimeldief (De vorige is gesneuveld en eigenlijk is dat wel best handig met twee kleine kinderen. En ok ja, het is waar, ik ben de grootste kluns van allemaal thuis)
  • Kledingbonnen. (Maar voor serieus. Nieuwe kleren blijven toch echt geweldig de max. Jammer dat je de afwas niet kan doen in ruil voor een nieuwe jurk)

Op een iets duurdere schaal zijn er nog wel een paar dingen zoals een tweede wc (en eventueel zelfs badkamer), een ingemaakte kast en een supergeïsoleerd huis die op de verlanglijst staan, maar we kunnen nog wel een beetje wachten.

Het draait eigenlijk maar om één ding: gezondheid. Dat zeg ik altijd en meestal zijn het halfloze woorden, omdat je er amper bij stilstaat als gezondheid er vanzelf is. Maar dit jaar is het helaas anders. Iedereen gezond bij ons houden graag, met aandrang. Meer hoeft dat echt niet te zijn.

Op het eerstvolgende belangrijkheidslevel heb ik nog twee diepe wensen die misschien ooit, misschien nooit in orde zullen komen. En waar ik misschien ooit eens iets zal over vertellen, maar die misschien ook eeuwig op de sofa van mijn psychologe zullen blijven. Misschien, het is voor mij ‘misschien’ wel het woord van het jaar.

Ik kijk in ieder geval reikhalzend uit naar 2018. Want 2017 was zo dubbel, dat ik echt wel klaar ben om het uit te zwaaien.

En wat mag het voor jou zijn?

Posted in Basiel, Felix, Kind en gezin | 5 Comments

Buurvrouwen.

Na zeven jaar op kot zonder warm water en deftige douche in de Florbertusstraat, zette ik in 2009 officieel de stap naar het Gentenaarschap. Mijn domicilie verhuisde van de heimat naar een piepklein appartement op het Casinoplein, waar ik niet gelukkiger kon zijn. Vooral in de zomer, toen het niet zo ijskoud was omdat de verwarming niet werkte en de zon zo heerlijk langs de grote ramen op mijn allereerste dubbel bed kon binnenvallen. Volwassener als dat wordt het niet.

Op een auditiedag van de Lunatics raakte ik niet veel later aan de praat met een geweldig toffe madam. We bleken 300m van elkaar te wonen en moeten ook allebei geweldig veel gezelschapsspelletjes gewonnen hebben, want het geluk in de liefde was bij ons allebei eerder schaars. Zij had toevallig een prachtig huis een beetje verder. Niet alleen was er verwarming (praise the lord!), een warm bad (hallelujah!) en een wasmachine (hosanna in de hoge!), het was er ook onwijs gezellig.

Het gebeurde eigenlijk redelijk direct dat we vriendinnen werden. Gelijkaardige status op facebook, gemeenschappelijke hobby en gehuisvest vlakbij elkaar – dat zijn geweldige ingrediënten voor een vriendschap.

Wij gingen zelfs al op vakantie naar Spanje toen de smartphone nog niet was uitgevonden.

Die keer dat mijn wc het begeven had kreeg ik zelfs een sleutel, die ik eigenlijk niet meer heb moeten teruggeven. Het gele badeendje dat als sleutelhanger dienst deed, bleek ook symbolisch voor de wellnessactiviteiten waar ik af en toe van mocht profiteren. Ik in het warme bad, zij daarnaast. En dan kletsen tot het water koud word, want wij kunnen toevallig geweldig goed kletsen.

We leerden op dezelfde dag de man van ons leven kennen, die ook nog eens dezelfde initälen bleken te hebben én hetzelfde beroep. (Heel even was er twijfel dat het om dezelfde man ging, maar we hebben dat vrij snel kunnen uitsluiten). We verhuisden allebei (dus officiëel zijn we allang geen buurvrouwen meer), er kwamen kinderen, een huwelijk, prachtige momenten en ook hele moeilijke. Ik kan daar altijd terecht, en omgekeerd hoop ik hetzelfde. Er zijn maar weinig mensen bij wie ik me zo op mijn gemak voel. We hebben haar zelfs meter gemaakt van Felix, dat is toch wel een titel waar je niet licht over gaat.

Afgelopen vrijdag legden onze venten een pokerkaartje, terwijl wij de uren volpraatten. En als we niet allebei onze ogen voelden dichtvallen van vermoeidheid, zaten we daar mogelijks nog te babbelen.

Van een geweldige buurvrouw, naar een kanjer van een vriendin. Hoe geweldig veel toeval om iemand achter de hoek te vinden die zo snel verhuisd is naar mijn hart (en jammer genoeg ook naar de suburbs ;)), maar – en dit ga je niet geloven –  het was NOG EENS prijs.

Hoe gaat dat tegenwoordig met Instagram? Ge post een foto van uw straat en iemand comment dat het toevallig ook haar straat is. Ge scrolt wat door elkaars feed, stuurt wat berichten en het verhaal begint. Ge gooit wat kraamkost binnen, ge helpt mekaar als er eens een uurtje een babysit vandoen is. En ge eet allebei graag sushi. En bovenal: het blijkt weer maar eens een geweldige madam te zijn.

De pech zit ‘em in het feit dat ook deze buurvrouw besloot om ‘een beetje’ verder te gaan wonen. Niet echt extreem ver, maar als je gewoon bent om er een halve minuut over te doen om aan haar voordeur te staan, dan is alles ver natuurlijk.

Het is allemaal nog pril, maar wel gezellig. En omdat we straks sushi gaan eten, begon ik te mijmeren. Excuses.

Twee fantastische buurvrouwen. Ik kan niet klagen over wat dat Gentenaarsschap mij al allemaal gebracht heeft.

.

(Zeker als een goeie buur, een dichte vriend wordt)

Posted in Gent, Liefde | 2 Comments

Duppelsgewijs. (Borstvoeding: the end)

Twee jaar en acht maanden. Zo lang heb ik Felix borstvoeding gegeven. Veertig maanden in totaal, als ik de periode van Basiel erbij tel. En dan komt er een punt waarop de laatste druppels zich van je losmaken. Het kleverige einde van een tijdperk.

De stekker is er nog niet helemaal uit. Als ik duw, komt er nog steeds een straaltje melk uit. Maar Felix voelt niet meer de behoefte om te drinken. Dat is prima, want dat is het ideale scenario. Het dooft natuurlijk uit, op het tempo van mijn kind. Toen ik me drie jaar geleden zwaar begon in te lezen in het onderwerp (_understatement_), was dat alles waar ik van droomde.

Bij Basiel was het een romantische film met een klotig einde. Gestopt om de foute redenen en met een serieus wrang gevoel in mijn buik. Maar tegelijk was dat gevoel de voorzet om bij Felix alles uit de kast te halen.

(Foto: Dries Renglé)

Ik ben de lastige start met bloedende tepels al lang vergeten. Zelfs kolven ligt al zo lang achter ons dat het niet meer dan een vage uierachtige herinnering is. Wat nog overbleef is één van de prachtigste en krachtigste dingen die ik bij het moederschap al heb mogen ervaren. Borstvoeding the next level. Iets waarvan ik het bestaan eigenlijk niet kende, omdat ik het nog nooit ergens van dichtbij had gezien en niemand daar over vertelde. Borstvoeding,  waarbij het stuk ‘voeding’ in het woord eigenlijk bijna overbodig wordt. Uiteraard blijft het een geweldig bommetje antistoffen, maar het wordt vooral een emotionele kanjer.

Nooit gedacht dat het zoveel meer zou kunnen zijn. Dat het voeden van een peuter en later zelfs een kleuter zo speciaal zou zijn. Het staat heel ver van het babyvoeden, want het is alleen nog maar gereserveerd voor de mooie, intieme, rustige en heerlijke momenten. (Lees: alles wat ooit lastig is aan borstvoeding verdwijnt volledig)

Dat heeft uiteraard ook praktische voordelen: ik weet niet hoeveel maanden geleden ik de borstvoedingsbeha’s al naar de zolder heb verhuisd of hoe lang ik al geen rekening meer houd met de borstvoedingsvriendelijkheid van mijn kledij. Mijn Medela Freestyle ligt al een hele tijd eenzaam te wezen in de doos. We zijn zelfs al twee keer een midweek op romantische vakantie geweest, waarbij ik niet meer deed dan ’s morgens en ’s avonds een minihandkolfje (gewoon om te checken of de leidingen nog niet drooglagen). Het wordt een ander soort borstvoeding, geloof me.

Ik wist ook geen hol af van die hele autocriene fase waarbij je gewoon altijd soepele borsten hebt, kinderen soms een paar dagen niet drinken en dat absoluut geen probleem is. Ik had geen idee dat een borst zoveel troost kon bieden bij moeilijke momenten, zoals niets anders dat toen kon.

De laatste druppels. Het is zo goed als voorbij. Mijn hart ligt in duizend stukken op de grond, terwijl ik breed glimlach. Want ik ben intens gelukkig dat het helemaal gelopen is zoals ik het wou en dat we meer ‘doelen’ gehaald hebben dan ik ooit had durven dromen. Maar tegelijkertijd is het zo verschrikkelijk moeilijk om er afscheid van te nemen, dat ik de hormonen die vrijkomen even niet de baas kan. (Alweer, undersatement)

Maar het ongelukkige einde van de borstvoedingsperiode bij Basiel was wel de lucifer én het doosje om de passie voor dit wonder der lactatie aan te steken.

Dus misschien dat het gelukkige einde van de borstvoedingsperiode met Felix wel de aanzet is om eindelijk dat boek te schrijven dat nu al zo lang in mijn hoofd zit?

Wa peisde?

Posted in Borstvoeding | 25 Comments

Het Basiliaans #8

Hij is echt helemaal opengebloeid, dat krijgen we geregeld te horen. Voor ons is Basiel altijd een gezellige babbelaar geweest, maar hij heeft wel tijd nodig om zich ergens op zijn gemak te voelen. Op school is dat in deze derde kleuterklas helemaal gebeurd. Het is ook een plezier om te zien hoe zorgend hij voor zijn kleine broer is en hoe ze samen de boel heerlijk op stelten kunnen zetten.

Met een bijna 5,5-jarige kan je al intieme gesprekken voeren, maar ik denk er niet altijd aan om die dingen ook in mijn blogboekje te schrijven. (Ja, ik heb een blogboekje. Ik probeer inspiratie daar vast te zetten voor wat mijn hoofd vergeet). Maar toch een kleine bloemlezing uit de laatste weken:

 

  • “Sommige poezen hebben dezelfde kleuren als sommige koeien he mama?” – Als hij nu ook nog het verschil leert tussen hooi en stro komt dat helemaal in orde met ons stadskind.

 

  • “Maar als je verzinkt, kan je wel niet meer naar huis om propere kleren aan te doen.” – We wandelen langs het water. En ik ben blij dat hij toch al zijn 25m-brevet heeft.

 

  • “Mama, ik ben echt zoals jou he.”  – Basiel stoot zich voor de x-tigste keer die dag. Wij zijn echt teamlomp. Sorry jongen. 

 

  • “Maar naar school gaan is toch echt leuk, want daar kan je met je vriendjes spelen.” – We komen een wenend kindje tegen op onze wandeling naar school.

 

  • “Mama, de keuken piept” – Hij zit een boekje te lezen en de microgolfoven is klaar. Hij kijkt niet eens op van zijn boekje.

 

  • “Maar mama, hoe weet die meneer eigenlijk wie betaald heeft om te parkeren en wie niet?” – Waarna we naar de parkeerwachter gingen en die het helemaal heeft uitgelegd. Merci daarvoor.

 

  • “Allah is de baas van alle mensen en die woont in de wolken.” – Hij gaat naar een multiculturele school, what can I say :-)?

 

  • “Mama, weet je, soms is soep superheet hoor.” – Hij probeert zichzelf in te dekken voor de gigantische rode vlekken  op zijn trui.

Papa is zijn grote held. Maar de laatste tijd komt hij toch ook wel heel vaak dicht tegen mij gekropen. En weet je, ik geniet steeds meer van mijn boysmum-status.

Posted in Basiel | 4 Comments

Vrienden van de poëzie.

Er was eens een vrijdagavond en ik werd per ongeluk een beetje poëtisch over de liefde van mijn leven. Sorry not sorry. (Onderweg naar zeven jaar met Tom)

 

Je strooit pretlichtjes in de donkerholte van mijn hoofd

– het smeult.

Zoals het dauwdeken de ochtendspits kriebelt naar draaglijke drukte

– het groeit.

Jouw strengels drukken mijn knopjes aan

– het gloeit.

 


Zoals jij en ik

– het wordt.

 


Zoals de entiteit

– het warmt.


Zoals ons.

Het is. 

Posted in Liefde | 3 Comments

Ik leef op grote voet.

Ik kan niet zeggen dat het aangenaam is om in het mini-hoekje van schoenwinkels te kruipen waar ze een paar exemplaren in maat 42 voor vrouwen verkopen. Maar ik begin graag positief: er is al heel wat verbetering. In bepaalde schoenwinkels IS er een hoek voor maat 42, dat is op zich al een geweldige vooruitgang. (Ik heb trouwens eigenlijk maat 41, maar door de breedte van mijn pedalen vaak 42 nodig)

Ik eet by the way nog liever mijn gordijnen op dan een schoenwinkel binnen te stappen waar ze de schoenen één voor één voor jou moeten gaan halen. Ik voel me daar zo oncomfortabel bij, dat ik er gewoon automatisch voorbijloop. In dat soort schoenwinkels hebben ze meestal sowieso geen grote maten, dus niks verloren.

Ik juich dus toe dat winkels genre Torfs, Brantano of Bent al hun schoenen uitstallen. Daardoor kan ik naar hartelust passen en hoef ik me geen 20 keer te schamen als alleen mijn dikke teen in het modelletje past. Maar het is wel jammer dat het hoekje voor de vrouwen met boten nog steeds op kaboutermaat is.

Enfin. Onze jongens groeien sneller uit hun schoenen dan ze kunnen verslijten (pasop, ze doen geweldig hun best om ze helemaal kapot te maken), dus we stonden in een grote schoenzaak met speelhoek en gangen. De kinderen waren braaf aan het spelen, dus wij gingen ook wat passen. Ik stond bij de sneakers, want die draag ik tegenwoordig zo veel dat ze ook sneller verslijten dan mijn schaduw.

Ik was teleurgesteld, want het was armoedig gesteld met het aanbod. Van de 8 sneakers die er stonden, was er maar 1 paar waar mijn voeten ook efffectief in pasten. Maar toen kreeg ik een geniaal idee. Sneakers zijn sneakers, van bepaalde merken is er zelfs absoluut geen verschil tussen vrouwen- en mannenmodellen. Op naar de mannengang 41/42!

Heaven. Het aanbod was gigantisch. Na drie minuten wilde ik al vijf paar schoenen kopen. Dat was helaas budgetontoereikend, dus ik werkte volgens eliminatie.

Toen vond een verkoopster het nodig mij er op te wijzen dat ik bij de mannen stond te passen. En dat hun winkel toch ook een vrouwenafdeling had. Ik voelde mij echt belachelijk. Ten eerste omdat haar toon insinueerde dat ik te stom was om zelf door te hebben dat ik in het piemeldepartement zat. Ten tweede omdat het feit dat ik niet in de schoenen van de vrouwenafdeling pas, op zichzelf al meer dan genant genoeg is.

Van de weeromstuit ben ik met lege handen naar huis gegaan.

(Om drie dagen later terug te gaan en alsnog twee paar mee te grabbelen. Fashion before principles, no?)

Posted in Er zijn zo van die dingen, Mens erger je niet!, Want zo ben ik | 29 Comments

Het priemgetalverslag.

113 – Het aantal keer dat Felix ergens op zijn hurken in een hoekje zat met een grijns. Die grijns is meestal een mooie mix van ‘ow yeah dude’ en ‘shit, dit is niet goed’. Waarbij je de shit redelijk letterlijk mag nemen. Ongeveer 98% van de grote boodschappen zijn (nog steeds) NIET in de pot. Maar alles komt goed, ook met de aarsstoet.

3 – Na maanden, zelfs bijna jaren van boekenstilte las ik drie boeken. Op één week. Ik moest Het smelt nog inhalen, en verslond er in één moeite door ook twee van Griet Op De Beeck. Meteen weet ik weer waarom ik liever niet lees. Ik laat dan namelijk alles vallen om te lezen, en dat is nogal onhandig met een huishouden en twee kinderen.

2 – De auto’s die de laatste drie maanden tegen mijn ‘nieuwe’ bolide zijn gebotst. Dikke merci wel aan de mevrouw die hier is komen aanbellen, nadat ze mijn geparkeerd voertuig had binnengedraaid. Ook voor de dame die tegen mijn achterkant knalde op de parking van de Gelamco Albert Heijn, heb ik voorlopig nog hoop. Ze wilde geen papieren invullen, maar was vooral geschrokken en had nog nooit iets voorgehad. (Ik helaas wel, roloog). Maar alles komt goed, ook met het verzekeringstegoed.

5 – Zoveel kilometer heb ik EINDELIJK nog eens aan één stuk kunnen lopen. Ik moet geweldig voorzichtig blijven, maar ik loop weer een klein beetje. Hoera! Omdat de pijn niet helemaal verdwenen is, las ik braaf voldoende rustdagen in. Ligt er steevast ijs op als ik ooit eens in de zetel beland en ga ik voorlopig niet verder dan 5 km. Dat is lastig, maar tegelijk ook geweldig. Want ik loop weer beetje. Hoera! Alles komt goed, ook met de blessurevoet.

3 – Extra kilo’s op de weegschaal. Ik heb hier tussen de lijnen misschien al een beetje laten vallen dat het hier niet de meest geweldige periode is (_understatement_), en dat heeft zijn weerslag op mijn gewicht. Voor het eerst in anderhalf jaar, ben ik de moed verloren om aan 5:2 te doen. Wat dan weer een vicieuze cirkel is, want door de extra kilo’s zit ik ongelooflijk slecht in mijn vel. Ze moeten er weer af, zoveel is zeker. Ik vast weer, en ik hoop dat de weegschaal uiteindelijk volgt. Alles komt goed, ook met het walvisgemoed.

1 – Officieel geen priemgetal, maar omdat alle priemgetallen zonder “1” compleet verloren zouden zijn, mag het hier ook wel bij. Eén totale switch in de living. Ik schuif heel graag met meubels, maar in onze leefruimte is dat moeilijk. De zeven meter lange kast (in dat afschuwelijk rood) hangt vast (en was hier al), net als onze zetel. Die was gepast voor ons vorige huis, maar hier stond staat de L eigenlijk aan de verkeerde kant. Na de aflevering van VTWonen vorige week, kon ik het niet meer aan. Ik heb de L uit elkaar gehaald en de verticale lijn doorbroken. Er is nu een echte zithoek. Ook al lijkt onze zetel een stuk te missen, ook al lijkt de totale ruimte kleiner en is mijn lief totaal niet overtuigd, het is wel echt veel gezelliger. Er is ten andere ook helemaal geen geld voor een andere zetel. Alles komt goed, ook met het zitgewroet.

7 – Maximum aantal weken dat we nog moeten wachten op onze nieuwe voordeur. Het kon zo echt niet langer. De koude kwam langs alle kanten binnen (hallo EPC!) en ook het slot is volledig kapot. Bovendien is een witte fermettedeur met leeuwenhanger ook nog eens afschuwelijk lelijk, dus actie was echt nodig. Sinds een familielid droogjes opmerkte dat onder die gigantische spleet ook heel gemakkelijk ongedierte kan binnenkomen, doe ik geen oog meer dicht. Ik tel af naar de aankomst van onze hyperstrakke antracietgrijze gevelmake-over aluminiumentree. Alles komt goed, ook met onze gevelsnoet.

239 – Uren dat mijn hoofd op springen stond. Of dat ik onder een dekentje wilde verdwijnen. Of dat ik wil slapen. Of mezelf voorbijholde. Misschien wel het aantal strepen dat mijn zelfvertrouwen gedaald is. (Ook gelinkt met puntje 3 natuurlijk, of course). Maar gelukkig word ik goed omringd door het allerbeste lief van de wereld en twee zalige jongens.

En alles komt goed. Dat moet.

Posted in Uncategorized | 12 Comments

Outfitpost. Hashtag boysmum.

Eigenlijk wil ik al maanden een outfitpost maken over de jongens. Misschien zelfs eerder jaren. Maar het is er gewoon nog nooit van gekomen. Nochtans vind ik kinderkleren de max. En vind ik het belangrijk dat ze er leuk bijlopen. Nu lijkt het natuurlijk alsof ik het idee helemaal steel van Romina, maar ik zweer dat het niet zo is. Trouwens, de outfits van haar dochter en de foto’s ervan zijn duizend keer beter dan die van mij. So she wins anyway.

Ik kan hier wat met excuses staan zwaaien, maar outfitfoto’s van actieve jongens zijn gewoon een moelijke zaak. Dat komt omdat mijn gasten er doorgaans ongeveer vijf minuten proper en netjes uitzien en in die korte tijdspanne liever andere dingen doen dan poseren. En als ze wel op de foto willen, krijg je de gekke bekken er gratis bij.

Het was dus praktisch nogal moeilijk. Bovendien hebben we hier op dagelijkse basis nog grote boodschap-ongelukjes bij Felix. Het is een klein mirakel als hij na school nog dezelfde kleren aanheeft als bij vertrek ‘s morgens. Meestal draagt hij om halfvier combinaties en (reserve)kleren waarmee ik amper naar huis durf te wandelen.

Ik heb al vaak geprobeerd om in de chaos foto’s te nemen, maar dat is ongeveer elke keer mislukt. Ik kon deze post daarom nog jaren uitstellen, maar van vijgen na Pasen is nog niemand beter geworden. Toen een vriendin die hoogzwanger is van haar eerst zoon onlangs vroeg waar ik de stoere outfits van mijn boys meestal scoorde, wilde ik echt niet meer wachten. Dus voor de vreselijke foto’s: sorry. (En ook not sorry, het is hier altijd nogal real life, de foto’s zijn van dezelfde aard.)

Basiel is het afgelopen jaar zo hard gegroeid dat ik shopgewijs amper kon volgen. Broek kopen, broek wassen, broek bij de volgende ronde water in de kelder: dat is hier echt gebeurd. We zitten ook met een knie-verwoester. Ongeveer elke broek heeft na drie minuten gaten ter hoogte van de knieën. Dat gebeurt zowel bij dure als bij goedkope broeken, dus ik weiger nog veel geld te betalen.

Hoera ook voor neefjes die een beetje ouder zijn. De stukken waar Mathis uitgegroeid is, komen deze kant op. Basiel vindt het geweldig dat hij dingen mag dragen van zijn grote held en zo krijgen ze een heerlijk tweede leven. Win-win. Broeken geraken meestal ook niet to hier, dus ik vermoed dat dat van die knieën een algemeen jongensprobleem is.

Ik probeer ook flink te zijn en Felix in de oude kleren van Basiel te stoppen, maar ook daar duiken vaak ‘problemen’ op.

  • Ten eerste: als baby waren de hespen van Felix zo indrukwekkend, dat hij in bijna geen enkele broek geraakte van Basiel.
  • Ten tweede: ook al zit er maar 2 jaar en 8 maanden tussen de jongens, soms is mijn smaak te hard veranderd. Merken waar ik vroeger helemaal voor viel, vind ik nu soms gewoon…lelijk.
  • Ten derde: het gaat niet zo vlot met de kaka-zindelijkheid, dus al zijn kleren moeten tegen een serieus stootje kunnen. Want worden zot gewassen, en op hoge temperatuur.

Insert betaalbare kinderkleding. Daarvoor ga ik vooral naar JBC, H&M, Zara, Sissy-Boy en Hema. Af en toe ga ik wat gekker met Someone, Ba*ba, Emile et Ida, Petit Filou, Sproet en Sprout of Molo. Maar vaker droom ik daar gewoon van, omdat het geld jammer genoeg niet op onze rug groeit.

Aangevuld met spullen die we krijgen, hebben beide jongens een goed gevulde toffe kleerkast. En toch slaagt Felix er geregeld in om helemaal zonder broeken te vallen (leve de pyjamaredding!). We blijven hopen op een (snelle) sluitspierklik.

Als er trouwens een soort hoogsensitiviteit bestaat voor kledij, dan heeft Basiel dat absoluut. Elke dag drama omdat hij schoenen moet dragen DIE VERSCHRIKKELIJK ZITTEN, omdat een broek kriebelt of net niet. Overal moet ik de labels uitknippen. Hij rolt standaard ook elke broek en trui op, want ‘anders zit dat niet goed’. In de winkel is het nooit een probleem, maar als hij het daarna thuis moet aandoen wordt hij ongeveer gek.

Echt gek, over alle mogelijke kledingstukken. Ik verlang nu al naar de tijd van korte broeken en sandalen.

Daarom, en om andere evidente redenen.

Posted in Basiel, Felix | 20 Comments