Jaarbrief – 2

Ik dacht op een bepaald moment dat ik echt voor altijd zwanger zou blijven. Jij had gewoon geen enkele goesting om er uit te komen, al had niemand ( vooral ik niet) er iets op tegen gehad als je er was uitgefloept een stuk voor je die gezegende 4,7kg had bereikt. Ongelooflijk dat dat geboortegewicht en floepen samen gaan, maar toch. Hoe traag die laatste weken ook gingen, toen je er je gedacht van gemaakt had, kon het plots niet snel genoeg gaan. Het was vast een straf verhaal geweest dat je op de parking van het ziekenhuis was komen piepen, maar je vader had die vlekken in zijn auto nooit overleefd. Goed dat je gewacht hebt tot op het bevallingseiland. Het was een prachtig moment en je keek me meteen heel stevig aan.

IMG_3797 IMG_4024

Dat kan je nog altijd. Heel indringend/grappig/boos/ondeugend/verdrietig/lief kijken en mij doen lachen. Je bent tegelijkertijd heel zelfstandig en toch ook aanhankelijk. Je wil de wereld verkennen (liefst op enige hoogte, klimmen is je hobby), je duikt er onverschrokken in en proeft van alles wat op je pad komt. Niet letterlijk, eerst even checken of er koemelkeiwit in zit. (grijnst) Maar ook aanhankelijk, want je valt het liefst in slaap terwijl we handjes vasthouden. Mijn vloeibaar hart vindt dat een heerlijk vertrek naar dromeland.

Ik verbaas me nog elke dag over wat jij allemaal kan. Op de tweede verjaardag van je broer moesten we nog vissen naar woordjes en onze fantasie gebruiken. Jij babbelt in zinnetjes. Het is niet altijd even duidelijk, maar wel altijd om van te smullen. En ooit zullen we je wel uitleggen dat je geen poedel bent, maar voorlopig mag je jezelf nog wel even Fifi noemen. En mama en papa door elkaar halen, daar kunnen we ook mee leven. Zolang je maar ‘dada, tot morre’ blijft roepen als we ergens vertrekken.

IMG_5594

Ik ga meestal eerst je broer halen op school en dan staan we vaak samen stiekem naar jou te kijken. Hoe je druk bezig bent met het binnenwerken van je vieruurtje of met volle concentratie een puzzel maakt. Als je ons in het snotje krijgt, klaart je gezicht helemaal op. Dan moet je jas aan, dan wil je naar huis.

Om volledig wild te gaan bij het liedje van Rox, om uren bezig te zijn met potjes en dozen, om dwingend te komen vragen dat je op de aaaped wil of om te melden dat zo meteen zal sterven als je NU geen noepje krijgt. Of om een plasje in het potje te placeren, want zelfs dat heb je al een paar keer gedaan.

Als we je nachtelijke escapades even negeren, ben jij een zaligheid om in huis te hebben. De guitigheid staat op je gezicht te lezen. Ik ben er zeker van dat er – met je grote broer als compagnon – nog heel wat kapoenerij op ons gaat afkomen. We zijn er klaar voor.

IMG_3105

Ik zou alleen willen vragen dat de tijd niet zo snel gaat. Want jij bent zo heerlijk schattig en ik weet gewoon dat hoe groter jij wordt, dat stapje per stapje gaat verdwijnen. Dat het ongebreideld enthousiasme waarmee jij in de wereld staat, de cuteness overload die op je smoeltje staat, de natte zoenen die gratis komen op onverwachte momenten plaats gaan maken voor meer zelfbewustzijn en volwassenheid. Nog lang niet, maar liefst ook traag nog lang niet. Blijf nog maar even klein.

(foto epicmytrip)

Blijf nog maar even het jongetje dat in mijn armen kruipt tegen de grote boze wereld. En het jongetje dat ze loslaat om de grote vrolijke wereld te gaan ontdekken.

Blijf gewoon jezelf lieverd, want zo ben je geweldig.

Dikke kus,

je mama.

Posted in Felix, Liefde | 5 Comments

Dolce La Helpe

Weet ge nog, toen de entiteit zes jaar werd? Naast een romantische ode aan mijn lief(de), had ik ook een echt cadeau voorzien. Een weekendje met ons twee, naar een poep(pun intended)sjiek hotel. Ik had zelfs navraag gedaan in geheime facebookgroepen met als criteria ‘romantisch’, ‘dichtbij’, ‘leuk om te lopen’ en ‘betaalbaar’. Daar was een paar keer hetzelfde antwoord naar boven gekomen, dus ik boekte een nacht in Dolce La Hulpe, in het Zoniënwoud. 165 euro valt voor mij niet echt in de categorie betaalbaar, maar je bent ook maar één keer zes jaar samen natuurlijk. We mochten onszelf wel eens verwennen.

Op de afgesproken dag zetten we onze kindjes af bij de meter van Felix en reden gezwind richting Brussel. De sfeer was goed, zoals meestal als we samen op pad gaan. We hadden nog wel niet echt goed nagedacht over eten of zo, maar met onze neus volgen zou dat wel goed komen.  Onze hotelkamer was pas beschikbaar vanaf 15u, dus besloten we eerst wat rond te hangen in de buurt. Toen we eentje wilden bestellen in het Nerocafé was mijn lief verontwaardigd dat ze er geen Hoegaarden serveerden. Ik heb hem even moeten uitleggen dat we niet in Hoegaarden maar in Hoeilaart waren. Mogelijks heb ik hem daarna ook zwaar uitgelachen. Uiteindelijk kregen we honger en heeft het een uur (of zo leek het toch) rondrijden gekost voor we een broodjesbar vonden die open was.

Blij dus toen we eindelijk konden inchecken. Pas toen ik in de hotellobby gasten in witte badjes en slofjes zag paraderen, bedacht ik me plots dat het hier eventueel wel eens met badkledij kon zijn. Voor een saunaganger is dat vloeken in de kerk, maar in een gigantisch hotel is naaktheid waarschijnlijk een te grote drempel voor bepaalde mensen. Al snel bleek dat dus echt zo te zijn, terwijl wij daar dus echt zonder zwembroek of bikini stonden. Damn.

De sfeer sloeg een beetje om. Want voor 50 euro (!) kon je wel een gatlelijk badpak en waterbestendig mannenbroekje kopen, maar we waren al een arm en een been kwijt aan dit tripje, dus dat was erover. Ik belde (en francois, oui, bien sur) wat H&M’s en C&A’s in de omgeving, maar die hadden allemaal nog geen badkledij binnen. Ik gooide het ook in de geheime facebookgroep waar iemand (merci Lien!) de geniale inval had om naar een Decathlon te rijden. Een uur en 9,97 euro later konden we wellnessen. Crisis vermeden.

IMG_6072

Omdat we ook echt nog wilden lopen (daarom waren we hier) en dus ook wellnessen (speciaal zo ver gereden achter zwemgerief EN speciaal mijn bikinilijn laten waxen), besloten we ’s avonds in het hotel te eten. We wisten toen natuurlijk nog niet dat het de grootste teleurstelling van ons leven ging worden.

De kamer had een fantastisch uitzicht, maar ook een paar mankementen. De douchestraal was zo hard dat je er iemand een oog mee kon uitspuiten, onder het bed lag vuilnis en het bed was raar. Maar echt, raar. Mijn matras was een centimeter of vijf hoger dan die van Tom, en zijn versie ging ook rechtstreeks naar de middengeul. Het leek wel het hellend vlak van Ronquière. We gingen om bij te slapen, maar ik heb nog slechter geslapen dan met een wenende Felix naast mijn bed.

Maar de echte grote teleurstelling was toch wel het restaurant. Ik zal u zeggen wat we gekregen hebben voor 78 euro. Om heel precies te zijn: 32 frieten, 7 blaadjes sla, 2 kerstomaten, 5 mini-reepjes entrecôte, 2 potjes béairnaisesaus, 2 glazen wijn en 1 cola zero. U dacht ook even dat het voor één persoon was? Helaas. Dit was het voor twee personen. We hebben bedankt voor het dessert en zijn naar de kamer gegaan. Met honger.

Ik wil niet alleen maar zagen, want er waren ook echt positieve punten: het Zoniënwoudloopje was pittig maar geweldig (we negeren dat er iemand met de bordjes had geknoeid), het ontbijt was geweldig (maar de pannenkoeken mogen wel wat sneller aangevuld worden jongens) en het personeel was heel vriendelijk. Sauna, Turks stoombad en zwembad konden er mee door – maar met badkledij is het toch meteen een stuk minder aangenaam. Wel respect trouwens voor de 3 mensen die de huisregels volledig negeerden en toch vlotjes in hun adamskostuum gingen zweten. Spijt dat ik dat ook niet heb gedurfd.

IMG_6043IMG_6070

En natuurlijk was het ook heel leuk. Wij amuseren ons altijd met ons tweetjes. En ik heb Tom ook eindelijk nog eens kunnen verslaan met Rummikub.

IMG_6076

Maar ik denk niet dat we nog teruggaan. En die bikiniwax een dag op voorhand was misschien ook wat overdreven.

Posted in Liefde, Trippen | 1 Comment

Twee jaar borstvoeding. Hallo WHO-norm!

Ik zag gisteren in mijn timehop verschijnen dat ik een jaar geleden ‘kroniek van twee borsten en een baby’ had geschreven. Een verslag van één jaar borstvoeding. Ondertussen is er alweeer een jaar gepasseerd, en hangt er een ferme peuter aan mijn borst. Nog altijd, ja, we hebben het gehaald (technisch gezien pas op 28/2, maar ik ben er gerust in).

Ik spreek over de WHO-norm alsof het even bekend is als kaas en hesp van den beenhouwer, maar ik merk dat de meeste mensen niet weten waarover ik het heb. WHO staat voor World Health Organisation, en zij hebben na heel veel en uitgebreid onderzoek in alle uithoeken van de wereld een advies opgesteld voor de voeding van kinderen.

In hun manifest staat het volgende:

Optimal infant and young child feeding practices include the following:

  • Six months of exclusive breastfeeding
  • Continued breastfeeding for two years or beyond

 De marketing van WHO kan duidelijk beter, want deze adviezen zijn absoluut niet verankerd in onze maatschappij. Integendeel, de meeste mensen vinden het heel normaal om een baby aan de borst te hebben, maar gek om een peuter met de borst te voeden.

Eerlijk? Ik heb ook een proces moeten doormaken. Ik herinner me dat ik jaren geleden bij een vriendin op bezoek was en dat ik bijna achterover viel omdat de kleuter achter titi kwam vragen. Ik had nog nooit zoiets gezien en was een beetje in shock. Ik besliste toen dat ik wel borstvoeding zou geven, maar nooit tot op het punt waarop mijn kind er zelf om kon vragen. Want dat was toch gewoon raar?

Nou, dat is dus veranderd. Kort samen gevat: Ik ben er bij Basiel aan begonnen uit buikgevoel en heb het geluk gehad dat het allemaal redelijk vanzelf ging. Ik had het gevoel dat het normaal en  prima was om na 6 maanden af te ronden, maar toen het op dik 7 maanden om de verkeerde redenen strandde, bleef ik wel met een wrang gevoel achter. Toen ik zwanger werd van Felix was ik heel vastberaden, ik wilde het fijne weten van borstvoeding. Ik ben in een zwembad van moedermelk gesprongen en heb elke hoek en tegel onderzocht. Resultaat: Ik geef nu zelf al twee jaar borstvoeding en mijn zoon komt soms vragen of ie mag drinken. Een mens kan dus bijleren en veranderen, en gelukkig maar.

2016-08-25 07.16.39

De eerste weken borstvoeding zijn heftig en zwaar, op het moment dat je een heerlijk ritme begint te krijgen word je weer op de werkvloer verwacht en wordt het opnieuw zwaar. Ik haat kolven, ongelooflijk hard. Ik moest mezelf daar elke keer voor opladen, maar ik deed het. Want hoe vreselijk ik het ook vond, ik wist dat ik het nog vreselijker zou vinden (ik spreek hier uiteraard alleen voor mezelf) om mijn kind poedermelk te geven. Maar het eerste jaar borstvoeding is heel anders dan het tweede jaar. Het is eigenlijk vooral nog genieten, voor hem en voor mij.

Ik denk dat ik rond 14 à 15 maanden het kolven helemaal achterwege heb gelaten, op een moment dat het al verminderd was naar 1 keer per dag. En daarna moet er eigenlijk niets meer. Felix drinkt ’s morgens, ’s avonds, ’s nachts en in het weekend ook overdag. Of meer of minder, en dat is prima. Ik ben er zeker van dat ik zonder de oxytocine het afgelopen jaar ergens in het ziekenhuis of de afgrond was beland. Wij hebben echt onmenselijk weinig geslapen en ik ben toch blijven functioneren. Met een full time job, nevenactiviteiten en sport. Zonder borstvoeding, zonder dat stukje troost in de moeilijkste momenten, weet ik echt niet hoe we het hadden gered.

Felix en ik zijn lichamelijk nog altijd intens verbonden, maar we kunnen dat ook loslaten. Tom en ik zijn 5 dagen naar Malaga geweest en ik vreesde het ergste voor de borstvoeding, maar dat ging perfect. Ik heb op vakantie een paar keer per dag wat handgekolfd in de lavabo, meer niet. En toen Felix mij zag, wilde hij meteen aanhappen. Zorgen om niks. De kindjes logeren af en toe bij familie of vrienden, dat gaat perfect. Borstvoeding is op dit moment vooral een soort van intens knuffelen en troost bij pijn of verdriet. Het is ook een thermometer. Als Felix meer dan anders komt vragen om te drinken, kan ik er geld op zetten dat hij ziek aan het worden is. En er was ook die keer dat borstvoeding een ziekenhuisopname heeft kunnen vermijden, omdat hij naast constant kotsen ook wel constant is blijven drinken bij mij. En zo uitdroging heeft kunnen afwenden.

2016-08-26 20.35.12

Ik wilde de WHO-norm heel graag halen. Waar het vanaf nu naartoe gaat, weet ik niet. Want ik doe volledig mee met het koemelkvrij dieet, om niets aan hem door te geven. Dat is er begin dit jaar bijgekomen en is toch niet evident. Als het zou uitdoven is het goed, maar als hij nog verder wil, is het ook goed. Alles is goed, we trekken ons nergens iets van aan, op ons eigen tempo.

Ik begrijp dat veel mensen het gek blijven vinden en zelfs afwijzen, maar wist je waarom we een melkgebit hebben? Onze mond/gebit is zo gevormd om bij de moeder te drinken, tot op het moment dat die tanden beginnen uit te vallen. Het einde van het melkgebit, is het (natuurlijke) einde van de moedermelk. Dat ligt inderdaad ergens tussen 5 en 7 jaar en ik begrijp dat u nu bijna van uw stoel bent gevallen (en ik ben dat op zich helemaal niet van plan), maar je weet nu ten minste waar de naam MELKtanden vandaan komt. Omdat het tanden zijn voor melk, moedermelk.

Als mensen me aanspreken over borstvoeding, is het vaker dan een tijdje geleden positief. Ik krijg schouderklopjes, ik krijg geïnteresseerde vragen en er zijn mensen die me vertellen dat ze er een heel ander idee van hebben, door hier te komen lezen en mij te kennen. Er is ook een vriendin die een slechte ervaring had bij haar eerste kindje en nu geregeld update-berichtjes stuurt over hoe geweldig het gaat bij kind twee. Mijn hart wordt daar zo warm van, ge hebt geen idee.

En als ik toch kritiek krijg, probeer ik heel rustig te antwoorden. Dan zeg ik iets in de stijl van “je vindt het gek dat mijn zoon van twee aan de borst drinkt, maar zou je het ook gek vinden als hij een flesje melk zou drinken?”. Dat is meestal genoeg food for thought. Soms vertel ik er nog bij dat ik begrijp dat je dat gek vindt, maar dat ik het persoonlijk minder gek vindt om mijn kind mensenmelk te geven, ipv melk voor het kindje van een koe.

Ik las onlangs een interview waarin iemand borstvoeding en kunstvoeding vergeleek met verse soep en Royco. Dat gaat voor mij misschien net iets te ver, maar het is wel een duidelijke metafoor. Tegelijkertijd hoop ik dat ik met deze blog niemand op de tenen trap of een slecht gevoel geef, want dat is absoluut niet de bedoeling.

Dit is mijn verhaal. En ja, ik probeer inderdaaad borstvoeding een beter imago te geven. En ik probeer moeders te helpen die sukkelen. En ik probeer het allemaal gewoon een beetje normaler en minder beladen te maken. Dat lukt niet altijd even goed, ik weet het. Working on it.

Maar als mijn zoon dicht tegen me aan kruipt en begint te drinken, ondertussen zijn handje op mijn andere borst legt, dan kan de rest van de wereld me altijd even gestolen worden.

2016-11-09 19.28.12

Twee jaar borstvoeding. Compleet geschift en tegelijkertijd zo gewoon. Het maakt me gelukkig, dat is zeker. En Felix ook duidelijk. En dat is wat telt, toch?

Posted in Basiel, Borstvoeding, Felix | 22 Comments

Een huis is nooit af.

Ik woon heel graag in ons ‘nieuwe’ huis. Nog geen seconde spijt gehad van onze impulsieve aankoop en verhuis, beste beslissing ooit. Maar aan een huis blijft altijd werk. En ik vermoed dat ge opnieuw kunt beginnen, ne keer dat ge volledig rond zijt.

We hebben geen fantastische EPC, dus op dat vlak is er nog heel veel werk. Vorige week hebben we een energiescan laten maken van onze baksteen, en dat deed toch even pijn. Voor de aardigheid heb ik eens even opgelijst wat er eigenlijk allemaal zou moeten gebeuren, en wat we zelf graag nog willen doen. Sommige dingen omdat ze echt nodig zijn, anderen omdat het helemaal onze plek te maken. En er zijn altijd nog zottere energiegrepen mogelijk, maar ik probeer even te denken binnen een soort realistisch kader. Soort van.

IMG_6640

  • Isolatie van de zolderverdieping (Ik begrijp niet dat er mensen bestaan die drie jaar geleden twee kamers renoveren en die niet isoleren, maar ze zijn er. In ons geval: de vorige eigenaars – het wordt in ieder geval de volgende grote ingreep op de planning)
  • Als we dan toch bezig zijn en daar dingen moeten open breken: hertekenen van de zolderverdieping zodat er 2 kleine slaapkamers, een kleine badkamer ( wc + douche) en een bergruimte in passen
  • Isolatie van het plat dak boven de keuken en badkamer
  • Nieuwe voordeur (vrij dringend, ze is kapot en een groot koude-lek. Daarnaast is het ook een gatlelijk ding)
  • Raam met glasdals in de gang vervangen door een volwaardig raam (ook dat is een grote verliespost in het EPC blijkbaar)
  • Aanleggen van de tuin
  • Opknappen van de achtergevel
  • Rode kast living een andere kleur geven
  • Hal + traphal schilderen
  • Verwarming installeren op master bedroom en bureau
  • Overal gordijnen plaatsen
  • Nieuwe verwarmingsketel
  • Tuinberging vernieuwen
  • Nieuwe waterleiding (het stuk dat nog niet vernieuwd is)
  • Opnieuw bezetten van master bedroom (en daarna ook schilderen)
  • Plinten installeren op eerste verdieping
  • Ingemaakte kast bouwen van grond tot plafond op master bedroom
  • Herinrichten van de ruimte onder te trap (en daarbij alles zo slim mogelijk benutten)

Bon, kan iemand mij de winnende cijfers van de volgende lottotrekking passeren? Merci!

 

(En wat staat er nog op jouw lijstje?)

Posted in Thuis en al | 18 Comments

Bekentenis: wij slapen samen.

Ik weet niet waar het idee vandaan komt, maar volgens bepaalde opvoedingsprincipes moeten kinderen zo snel mogelijk in hun eigen kamer.  Ik ging daar vroeger ook van uit, maar twee kinderen later liggen de kaarten anders. Zelfs het conservatieve Kind en Gezin heeft ondertussen zijn (of haar?) slaapadvies aangepast naar één jaar op de kamer, dus dat betekent wel al iets. En ik weet het wel, je mag kinderen niet verwennen. Ze moeten zelfstandig zijn, ze moeten alleen in slaap kunnen vallen, ze moeten flink zijn. En ik bedoel dit niet als veroordeling of kritiek op ouders die er wel voor gaan, maar voor mij voelt het anders aan in het slaapdepartement. Onder ‘verwennen’ begrijp ik iets anders dan een gevoel van veiligheid, geborgenheid, liefde, warmte en knuffels.

Basiel was een gemakkelijke baby. For real, ik heb bij mijn eerste kind amper geweten wat slaaptekort was. Na een paar maanden sliep hij vlotjes door de nacht en als hij toch wakker werd, was het alleen om even aan de borst te liggen en daarna verder te ronken. Ergens voelde ik de nood om hem voor mijn eerste werkdag in zijn eigen kamer te krijgen. Omdat het zo hoorde dacht ik, ook al had niemand me dat expliciet opgelegd. We voelden er ons toen allebei niet echt goed bij, maar hij had me ’s nachts niet meer nodig, dus waarom lag hij dan nog bij ons? Hoofd >< hart. Gelukkig was in ons vorige huis een eigen kamer een relatief begrip. Eigenlijk lag hij maar drie meter verder, dus met de deuren open was dat eigenlijk nog half naast ons oor (en hart).

2013-05-11 14.33.22

Met Felix was alles sowieso anders. Toen ik nog met zwangerschapsverlof was, sliep ik vaak met hem op de zetel. Kwestie van de rest van het huis niet wakker te maken met zijn krijspartijen. Maar het doorslapen kwam niet, ook niet nadat ik al lang weer aan het werk was. Er zijn korte periodes geweest we een paar ‘goede’ nachten hadden (in ons boek: maar een keer of 3 kort opstaan), maar meer dan anderhalf jaar hebben we eigenlijk kei hard in #teamnosleep gezeten. We zijn er nog niet helemaal uit, maar we kunnen wel weer een beetje slapen. Praise the lord. De wereld is zoveel gemakkelijker met slaap, ge hebt geen idee. (Of misschien wel, veel sterkte dan!)

2015-06-09 07.19.22

In oktober kwam er een nieuwe jobuitdaging bij, met een wekker om 3u42. Om dat enigszins te overleven, heb ik alle slaapstrijd opgegeven. Felix slaapt gewoon gezellig tussen ons. Ik schaam me er niet meer voor, integeneel. Want er is ook helemaal niets verkeerds mee, als iedereen (moeder, vader, kind) zich daar goed bij voelen. Ik zal nog meer zeggen, Basiel slaapt ook vaak bij ons op de kamer. Op een matrasje naast ons bed, omdat hij dat gezellig vindt. Wij ook trouwens. Ik geloof echt dat een kind dat zich veilig en geborgen voelt, meer kans maakt om op te groeien tot een gelukkige volwassene.

Ik maak me ook geen zorgen dat hij in zijn puberjaren nog zal vragen om bij mama en papa op de kamer te liggen. Hij maakt er nu al geen enkel probleem van als het om de een of andere reden niet kan. Beide jongens logeren ook al eens op een ander, dus het is niet alsof ze ons niet kunnen loslaten.

Felix heeft ook een fantastisch mooie kamer, waar hij overdag heerlijke dutjes doet. En ooit zal hij daar altijd slapen. Maar voor nu is het goed. Wij zoeken nog steeds naar zoveel mogelijk slaap. Dat betekent vandaag concreet dat Felix en ik rond 19u naar boven gaan en ondergestopt worden door Tom en Basiel. Hij vraagt of hij nog een beetje mag drinken en daarna vallen wij dicht bij elkaar in slaap. Vaak is dat zelfs hand in hand. En soms ligt Basiel er ook nog bij. Grootste issue: het bed is een beetje te klein. Waar vind je een double kingsize?

2016-12-19 17.49.41

Ik voel en zie mensen met hun ogen rollen als ik erover vertel. Ik heb geen zake met de slaapkamergeheimen van een ander en zij dus ook niet met de onze, maar ik wil het toch uitspreken. Om dat laatste beetje schaamte (dat er helemaal niet hoeft te zijn) af te schudden, of om het meer ingeburgerd te maken? Als je beter slaapt met iedereen in zijn eigen bed/kamer/verdieping, dan is dat prima. Maar om de een of andere reden voelen wij ons heerlijk verbonden al samen slapend, en slaapt iedereen ook beter op die manier. De occasionele grote teen in mijn neus of stamp in mijn zij inbegrepen.

2016-11-27 15.12.21

Als ik heel eerlijk ben, moet ik toegeven dat ik zelf een hekel heb aan alleen slapen. Waarom zou ik dat dan verlangen van mijn kinderen? Er zijn weinig dingen zo heerlijk  als zo’n warm lijfje dat zich tegen je nestelt, toch? Of iemand die je verliefd ligt aan te kijken met grote ogen als je ’s morgens wakker wordt.

2016-04-08 07.16.08-1 2016-05-06 21.01.16

We zijn op weg naar echte slaap in het verhaal Felix, dus misschien betekent dat ook dat we binnenkort (lees: als ik vakantie heb en niet in het midden van de nacht moet opstaan) nog eens een poging ondernemen om hem naar zijn eigen kamer te verhuizen. Misschien ook niet. We volgen ons gevoel en ons hart, en ik vertrouw daar ferm op.

 

En mocht u zich zorgen maken over de sportprestaties tusssen de lakens. Ge moet er niet mee inzitten, wij zijn creatief genoeg. *wink wink*

Posted in Basiel, Felix, Kind en gezin | 43 Comments

The shit.

We hadden afgelopen weekend een dochter op bezoek. Heerlijk, het was een gezellige boel. Ze volgen elkaar ook mooi op. Felix is bijna twee, Juliette heeft in september haar derde verjaardag gevierd en Basiel wordt eind juni vijf. De mensen die ons zijn tegengekomen afgelopen weekend, moeten vast en zeker gedacht hebben dat wij ook goed doorgedaan hebben. Enfin, dat zou ik stiekem glimlachend toch denken. Samen met een ‘ochere’ voor het triple slaaptekort (maar dat ligt aan mij, er zijn ook echt wel kleine kinderen die slapen. Het bestaat, onze oudste is het levende bewijs)

Het komt er op neer dat ze elkaar zo wel een beetje aan het imponeren waren. Kinderen zijn niet vies van een beetje competitie. “Ik ben al groter dan jij, maar ik kan beter tekenen, ik vind Rox ook heel leuk, maar ik heb ook heel flink mijn spruitje opgegeten hoor. Met de nadruk op het enkelvoud, want iedereen heeft maar één spruitje gegeten. Of zelfs maar een half, al waren ze daarover wel trots voor tien man.

Als de ene honger had, moest de andere ook eten. Als de ene pipi moest doen, stond de andere gegarandeerd ook plots met de billen dichtgeknepen. Ondertussen ging het ‘spelletje’ verder van elkaar behagen en imponeren.

Op een bepaald momenten waren Basiel en Juliette druk in gesprek in de badkamer. De deur stond gewoon open, zoals meestal bij ons. Wij waren dus allemaal getuige. Ondertussen zat Basiel op de pot, uitgelaten en vrolijk.

 

Plots roept ie luidkeels. “Daaaa-aaaar gaat ie!”

 

_Het ging over de “worst”_

 

(Misschien nog een beetje werken aan je verleidingstrucs, jongen)

(Alhoewel, je pa heeft me ook ingepakt met mopjes.)

Posted in Basiel | Leave a comment

Slappetulpendagen.

Toen ze vijftien jaar geleden aan het scoutskampvuur tegen mij de plechtige woorden “voortaan ben jij voor ons Gevoelige Citta” uitspraken, begon ik onmiddellijk van mijn tak te maken. Want ik was toch helemaal niet gevoelig? Dat ondertussen de tranen over mijn wangen stroomden, bewees alleen maar de correctheid van mijn voortotem. Dat zag ik toen nog niet helemaal, maar vandaag wel.

Ik ben vele jaren ouder, vele passen rustiger, veel tellen bewuster. Er zijn heel veel dingen gebeurd in mijn leven, die voor een stuk mee bepaald hebben wie ik nu ben. Ik ben zeer kritisch voor mezelf, gebruik mijn solo-autorit vaak voor uitgebreide zelfreflectie en ken mijn kleine kantjes soms te goed. Je begrijpt dat dat hard kan zijn, want wie houdt er echt van (zelf)confrontatie? En dat ik van mezelf heel vaak vind dat ik niet voldoe. Of dat ik niet ben wie ik eigenlijk zou willen zijn. Ook dat mijn eigen karakter me vaak parten speelt.

Toch, ik heb het leven onder controle. Ik ben niet onzeker of neerslachtig. Ik ben supergelukkig, en ook heel veel redenen om dat te zijn. Mijn fantastisch lief, onze geweldige jongens, mijn belachelijk plezante job, ons leuke huis, veel warme vrienden en familie. Echt veel, heel veel om heel gelukkig over te zijn. En dat ben ik ook.

Ik kan soms echt trots zijn. Want ik doe het goed. Het moederen voelt alsof ik nooit iets anders gedaan heb, daar is onzekerheid bijna onbestaande. Mijn lief voelt als een geschenk uit de hemel, daar zal ik me misschien al eens vaker afvragen of ik wel de ‘zo fijn mogelijkste’ partner voor hem ben. Ik doe mijn job doodgraag, maar er zijn maar weinig arbeidsplaatsen waar je persoonlijkheid zo hard in de strijd wordt gegooid als in de media.En vrienden weten wie ik ben en ik heb er wel een stevig deel die echt de max zijn, maar er is ook een boze wereld die me vaak verkeerd inschat. Of zoiets.

Ik weet dat de fout daarvoor meestal bij mezelf ligt. Mensen voelen zich bijvoorbeeld aangevallen door wat ik zeg, terwijl ik dat nooit zo bedoeld heb. Ik ben nogal recht voor de raap, dat weet ik, maar toch komen dingen precies heel anders over dan ik ze bedoelde. Er zijn bepaalde stokpaardjes waarbij ik mijn verstandelijke rem bijna lijk te verliezen. Als het gaat over borstvoeding, baby’s, alcohol (*) of onrechtvaardigheid zou ik soms uit mijn vel kunnen barsten. Dan neemt mijn instinct het over. Ik zou de wereld willen “redden”, ook al heeft niemand daar om gevraagd en gaat het vaak niet over “redden”. Maar die dingen liggen me zo nauw aan het hart, dat het soms sterker is dan mezelf. Dat is lastig, en dan haat ik mezelf. Soms om het feit dat ik me bemoei, maar soms ook om het feit dat ik  niet heb geholpen. Dat helpen en bemoeien is te vaak een dunne lijn. En ik werk eraan, echt waar.

We hadden deze week een collega te gast in De Goeie Morgen, die zijn hele leven heeft omgegooid na een zware burn-out. Hij maakt nu radio en geeft therapie. Hij zegt rake dingen, ik kan aan zijn lippen hangen. Hij zei dat hij 100% zeker was dat ik hoogsensitief ben, en hij heeft ervoor gestudeerd.

Er zijn vele vormen van hoogsensitiviteit, ik heb me daar nog niet in verdiept. Ik ben zeker extreem gevoelig. Ik kan niet aarden in een sfeer die niet goed zit, ik voel dat heel fel aan. Dan wil ik die ontmijnen, uitpraten, oplossen of gewoon weglopen. Maar dat kan niet altijd, dat is ook niet altijd aan mij. En soms moet je gewoon ondergaan. Ik kan alleen kiezen hoe ik er mee omga, die keuze heb je altijd.

Maar soms. Soms gaat het helemaal niet. Soms gebeuren er dingen die ik geen plaats kan geven, of worden er dingen gezegd die nog dagen nazinderen. Dan ben ik een klein bang vogeltje. Dan wil ik in een hoekje kruipen en wenen. Ik kan daar echt helemaal van slag van zijn. Ik wil zo graag het goede zien, het goede zijn, het goede doen. Maar het goede wil niet altijd mee. Door mezelf, door anderen. Soms gaat het gewoon niet. Alsof alles wat ik al dagen/weken/maanden/uren bewust probeer te parkeren en rationaliseren, me plots toch een ferme klap verkopen.

IMG_5749

Ik zei er gisteren iets van op instagram, dat ik dan het tulpje ben dat zijn kopje laat hangen. En iemand zei dat iedereen wel eens recht heeft op slappetulpendagen. Awel ja. Ik ben toch niet alleen he, met slappetulpendagen?  Ik wil mijn kop niet laten hangen, maar ik krijg ook niet altijd alles zomaar verwerkt en geplaatst. Sommige dingen gaan heel diep, en doen heel veel pijn. Herken je dat? Komt er ooit een dag waarop dat niet meer is? Ik hoef niet perfect te zijn, maar diep vanbinnen zou ik dat misschien toch wel willen. Slanker, grappiger, creatiever, actiever, sneller, mooier, warmer, empatischer, altruïstischer, liever, aandachtiger. Waarom toch?

Er is altijd een nieuwe dag. Gelukkig. De slappetulpendagen gaan voorbij.

Maar vandaag was dat niet genoeg.

Daarom heb ik daarnet nieuwe bloemen gekocht. Ze moeten wel nog openbloeien.

 

 

(*) Er zijn blijkbaar mensen die denken dat mijn slappetulpendag het gevolg was van deze post van mijn vriendin Lien. Ik zal niet zeggen dat ik daar blij mee was en dat heeft zeker voor een pittige discussie gezorgd, maar het had er eigenlijk niets mee te maken. Het was niet meer dan een onaangename druppel. Mijn post op instagram met de slappe tulp, dateerde trouwens al van een paar uur voor de blog. Dus nee, het gaat hier niet over alcohol.

Posted in Want zo ben ik | 18 Comments

Hoe Felix een Felix werd

Toen ik de positieve zwangerschapstest van Felix in mijn handen hield, hoopte ik meteen op een meisje. Ik ging daar eigenlijk zelfs van uit, want Tom en ik hadden dat zo afgesproken. Eerst zouden we een jongen krijgen en daarna een meisje, dat zei hij mogelijks al op de eerste avond ooit dat we elkaar zagen (tevens bekend als de start van onze relatie). Ik had niet echt gerekend op een tweede zoon, I was set on a daughter.

Bij de 12 weken-echo vroeg de gynaecologe vrijwel meteen of we wilden weten wat het was, want we zaten met een overduidelijk geval van de NUB-theorie. Het was een jongen, ze was voor 95% zeker. Ik heb vervolgens nog twee maanden gehoopt dat ze zich toch vergist had, maar helaas. Mijn teleurstelling was groot en ik zou Felix voor geen geld van de wereld willen ruilen, maar ergens zal ik het altijd jammer blijven vinden dat ik (waarschijnlijk) nooit een dochter zal hebben.   Dit gezegd zijnde, onze jongens zijn de max. Felix is de grootste cutiepie die Gent ooit gezien heeft, het is onmogelijk om hem niet te willen opeten.

2014-08-31 19.05.17

Maar toen het geslacht nog een groot vraagteken was, zat ik wel even in stress over de naam. Want ik vond mijn favoriete meisjesnaam sinds eeuwen (en ook goedgekeurd door Tom) niet passen bij Basiel. Het was een gigantische opdracht geweest om Basiel van een naam te voorzien, maar ik vond Janne daar niet bij passen. Basiel en Janne, geen topcombo voor mij.

Uiteindelijk moesten we helemaal niet nadenken (hoe handig?) of Janne wel bij Basiel paste, want we zaten met een piemeltje. Het drama was veel groter, we moesten opnieuw op zoek naar een jongensnaam. In het achterhoofd houdend wat een moeilijke bevalling dat was geweest bij onze eerstgeborene (echt, letterlijk, moeilijker dan de bevalling), hoorde ik het een paar weken in Keulen donderen.

Maar omdat er weinig dingen zo leuk zijn als het zoeken van een naam voor een kindje dat je voelt bewegen in je buik, ging ik meteen aan de slag. Lijstjes en lijstjes gingen richting mijn lief, maar kwamen nooit terug. Hij liet wel telkens weten wat ie er van vond, maar kwam zelf nooit met een idee. En al zeker niet met een ‘ja’.

IMG_5614

Net op het moment dat ik dacht dat we ons kind Junior of Baby X gingen moesten noemen, kreeg ik een heel speciaal mailtje. Mijn lief en ik mailen elkaar elke dag, dat is ons romantisch momentje. Die mailtjes zijn soms geweldig grappig of lief, soms ook gewoon heel praktisch. Maar we proberen echt elke dag te mailen, gewoon om heel even alleen aan elkaar te denken.

Het mailtje van die dag was op een speciale manier ondertekend. Er stond

“En ook een kusje voor Felix”

Dat was een naam van op mijn lijstje. We hebben het er daarna nooit meer over gehad. Vanaf toen was het gewoon een Felix. Chance, want het past toevallig echt geweldig goed bij zijn heerlijke snoetje.

(foto epicmytrip)

(Foto: epicmytrip)

(Hoe ging dat bij jullie?)

Posted in Felix, Kind en gezin, Liefde | 15 Comments

Soms vraagt een mens zich af.

Het is voorzekers meer dan tien jaar geleden, ik was echt nog piep. Ik voelde me nochtans al helemaal Gentenaar, maar de waarheid is dat ik gewoon een of andere kotstudent was. De officiële verplaatsing van mijn domicilie naar de stad van mijn hart zou in ieder geval nog een paar jaar duren.

Ik was ooit al eens op hem afgestapt. Dat was op een strand in Wenduine en ik voelde me twee minuten later al schuldig dat ik een BV in zijn zwembroek had lastig gevallen. Geen topgesprek, zo met zand tussen mijn tenen. Ik liep ‘em ook wel eens tegen het lijf. Want dat gebeurde gewoon. Wie zich door Gent bewoog, kwam Luc De Vos tegen.

Het was op een of ander evenement van De Vooruit dat we echt aan de babbel geraakten. Hij had het geniale idee dat ik wel eens op zijn zoon zou kunnen komen babysitten. Misschien was hij gewoon aan het flirten, misschien was hij mij eigenlijk een beetje aan het uitlachen. Het kon me niet veel schelen. Ik was aan het praten met Luc De Vos. DE_LUC DE VOS. In mijn boek toch wel een held.

Ik had die zomer op de Beestenmarkt nog de longen uit mijn lijf geschreeuwd. Ik stond met mijn toenmalig lief helemaal melig te doen, want er waren maar weinig dingen die mij toen zo konden wegblazen als Gorki. Die cd met de bruine koe op de cover, kende ik beter dan mijn broekzak.

Ik praatte met hem over mijn dromen. Dat ik zo graag voor de radio wilde werken. Dat ik nu wel Germaanse talen aan het studeren was, maar dat ik eigenlijk gewoon de hele dag voor een microfoon wilde babbelen. Hij kon goed praten over dromen, het was een fijn gesprek.

Op het einde zei hij – met een geweldig Wippelgems accent – dat hij niet dacht dat het me ooit ging lukken. Meiske toch, met dat accent ga je nooit bij de radio kunnen beginnen. Dat zei hij tegen mijn noggroenachterdeoren studerende zelve, en de woorden jogden nog dagen lang door mijn gedachten.

Toen ik dik twee jaar geleden op internet zag verschijnen dat jij was overleden, hoopte ik eerst dat het een wansmakelijke hoax was. “Ooit was ik een soldaat”, ja, maar ik wilde roepen dat jij nog altijd een soldaat moest zijn. Niemand gaat verloren, komaan Vos. Maar de dagen daarna bleek dat het echt waar was. Het kon niet, maar het was waar.

Afgelopen zondag liep ik door de Bourgoyen, met Gorki in mijn oren. Ik moest denken aan die keer dat je zei dat ik nooit voor de radio ging kunnen werken, vanwege mijn verschrikkelijke accent.

IMG_5495

Ik keek naar boven. Ik zei, Luc, verdomme toch. Het is me wel gelukt. En ik ben een content mens dat ik je af en toe kan draaien.

Maar die komedie heeft nu lang genoeg geduurd he, kom je weer naar beneden?

 

Posted in Er zijn zo van die dingen, Gent | 5 Comments

De koekjeshit

Ik ben blij dat die koemelkallergie ons nu overkomt. Het is een constante en soms vermoeiende oefening, maar er zijn vandaag geweldig veel alternatieven. Twintig jaar geleden was dat waarschijnlijk heel andere koek.

En nu we het toch over koekjes hebben: koemelkeiwit zit in ongeveer elk koekje. Gelukkig zijn er oreo’s (op mijn blote knietjes daarvoor!) en speculoos, maar daarbuiten is het armoe troef. En ik weet dat er chocolade is die wel mag, maar dat is niet hetzelfde als die ook lekker vinden. Ik werk eraan en ooit ga ik het puur lusten. Ik ben niet vies van een beetje doorzettingsvermogen als het voor de goeie zaak is.

Gelukkig is er Pascale Naessens, want Felix heeft natuurlijk wel recht op lekkere dingen. Ik zag ergens op facebook een recept passeren met rijpe bananen. Na wat verder onderzoek bleek het ook in mijn eigen receptenbibliotheek te zitten. En hoewel alles wat ik bak doorgaans grandioos mislukt, is dat bij deze koekjes bijna niet mogelijk. En voor Roger Vandamme is het waarschijnlijk vloeken in de kerk, maar je hoeft de ingrediënten niet eens af te wegen. Zelfs na twintig bakbeurten, heb ik de keukenweegschaal nog nooit bovengehaald. En er is nog niks in de vuilnisbak beland, des te meer in Felix zijn buik. Ook al zien ze er niet supersmakelijk uit, dat kan ik maar beter even vermelden. Eerlijk doet het langst.

IMG_5398

Het ingrediëntenlijstje is even simpel als de tafel van twee:

  • Een paar (rijpe) bananen
  • Rozijnen
  • Geraspte kokosnoot
  • Havermout

En de bereiding is ook al niet moeilijker dan de regel van drie:

  • Prak de bananen en roer ze tot een redelijk gladde massa (lig niet wakker van een brokje hier en daar)
  • Voeg havermout, rozijnen en kokos naar believen toe zodat je een stevige massa krijgt
  • Maak de perfecte quenelle en schik het op een ovenplaat met bakpapier
  • Schuif een kwartiertje in de oven op 180 graden (of iets langer, je ziet wel wanneer ze klaar zijn)

Ik maak ze minstens één keer per week en ze zijn vaak op voor ze koud kunnen worden. Op niet-vastendagen neem ik ze mee naar het werk voor het geval ik zou willen ontbijten. (Ik ontbijt alleen als ik honger heb sinds 5:2, terwijl ik vroeger Sofie – de ontbijter – Verschueren heette.) En ik heb uit goede bron vernomen dat Felix ze ook wel kan smaken in the morning. Van de rest van de dag ben ik zelf getuige.

IMG_5396

Ik ben blij dat ik mijn koekjeshit met jou gedeeld heb. Ik ga nu nog snel even een lading bakken.

Een mens moet iets doen als je al 17 dagen zonder Cote d’Or melkchocolade met gekarameliseerde amandelen en een mespuntje zout leeft.

Posted in Kind en gezin | 20 Comments